Herdachte groepen: Verzet Nederland
Ontwerper: Charles Eyck (gedenksteen), ir. Jean H.A. Huysmans (kapel), N.J.H. Levigne (interieur)
Onthulling: 18 mei 1958
Adopteer dit monument.

File:Valkenburg aan de Geul-Provinciaal Verzetsmonument op de Cauberg (3).JPG (Foto afkomstig van Wikipedia)
File:Valkenburg aan de Geul-Provinciaal Verzetsmonument op de Cauberg (1).JPG (Foto afkomstig van Wikipedia)
File:Valkenburg aan de Geul-Provinciaal Verzetsmonument op de Cauberg (2).JPG (Foto afkomstig van Wikipedia)
Valkenburg, 'Provinciaal Verzetsmonument' (foto: Gemeente Valkenburg aan de Geul)
Valkenburg, 'Provinciaal Verzetsmonument' (foto: Gemeente Valkenburg aan de Geul)
Valkenburg, 'Provinciaal Verzetsmonument' (foto: Gemeente Valkenburg aan de Geul)
Valkenburg, 'Provinciaal Verzetsmonument' (foto: Gemeente Valkenburg aan de Geul)
Valkenburg, 'Provinciaal Verzetsmonument' (foto: Gemeente Valkenburg aan de Geul)

Het monument

Vorm en materiaal
Het 'Provinciaal Verzetsmonument' te Valkenburg (gemeente Valkenburg aan de Geul) is een zeshoekige gedachteniskapel, geplaatst op een plateau tegen de helling in een bocht van de Cauberg. De helling is afgegraven en wordt gesteund door een ovaalvormige keermuur. De kapel wordt bekroond door een tentkapje dat van binnen gestukadoord is. De funderingen, de luifel en de kolommen zijn van naakt beton. De hoge keermuur, het brede plateau, de muren en de treden zijn van kolenzandsteen. Het gedenkteken is 3 meter 58 hoog, 8 meter 47 breed en 7 meter 75 diep.

De vloer en de achterwand van de kapel zijn van gezoet Esthermarmer. De gesloten achterwand bestaat uit drie zijden. In het midden is een modern vormgegeven Mariareliëf van staalsmeedwerk aangebracht. Onder dit reliëf bevindt zich het altaar met een in ijzer gebeiteld kruisbeeld. Het altaarblad is van Zweeds graniet. De bovenkant is gepolijst en de voor- en zijkanten zijn ruw gebroken. Bij het altaar staan vier kandelaars met kaarsen opgesteld, die als gebarsten granaten zijn uitgevoerd. Op de zijmuren en de achterwand zijn in zwarte letters de namen van 324 omgekomen verzetsmensen uit Limburg aangebracht.

Teksten
De tekst links op de wand luidt:

'+ GEVALLEN LIMBURGERS'

De tekst rechts op de wand luidt:

'IN HET VERZET 1940 - 1945 +'

De voorkant van de kapel bestaat uit drie glazen wanden, die zich openen naar het plateau, dat is overdekt door een gerekte luifelconstructie op kolommen. Op deze manier wordt de aandacht van de bezoeker op de wand met namen gericht.

Aan de rechter achterzijde van de kapel is een vredescarillon geplaatst. Dit carillon bestaat uit tien bronzen klokken, die samen 611 kilo wegen. Elke klok heeft een andere toonhoogte. Het klokkenspel is uitgerust met een volledig automatisch speelwerk en kan zowel het Wilhelmus als het Limburgs volkslied ten gehore brengen. De zwaarste klok kan bovendien bij bijzondere gelegenheden als luidklok dienst doen. Alle klokken dragen een naam.

De zwaarste klok is genoemd naar de voornaamste schenker van het carillon:

'VINCENT - SIMONE'.

De negen overige klokken dragen elk de naam van een omgekomen Limburgse verzetsstrijder:

'LEO MOONEN
JAN HENDRIKX
SJENG COENEN
JOEP FRANCOTTE
KAPELAAN NAUS
JO LOKERMAN
JOHAN GUELEN
CORNELIS KRANS
HARRY TOBBEN'.

Tevens is in elke klok een regel gegoten van het vers dat de dichter Willem K. Coumans speciaal voor deze gelegenheid schreef:

'OVER DEZE DODEN NIETS DAN GOEDS:
ZIJ RUSTEN IN DE ZACHTE AARDE,
BEWAREN HUN STEMMEN IN MIJN LIED
EN ZIJN VAN VRIJHEID EN VERZET EEN TEKEN,
WANT ZONDER HEN BESTAAT DE MENS EENVOUDIG NIET.
DAAROM O MENSEN VAN DIT LAND
LAAT DIE WOORDEN NOOIT VERBLEKEN
EN LAAT TOEKOME ZIJN RIJK
EN WEES GETUIGE VAN MIJN ZINGEN
EN WEES DE MENS EEN MENS GELIJK'.

In de bossage voor de kapel is een gedenksteen geplaatst. De steen is vervaardigd uit een brok natuursteen. Op de steen staan een kruis en twee lauwertakken afgebeeld.

De tekst op de gedenksteen luidt:

'IN ONZE VRIENDEN SJENG COENEN
EN JOEP FRANCOTTE HIER OP
5-9-'44 GEFUSILLEERD EREN WIJ
ALLEN DIE VIELEN IN HET VERZET.'

Symboliek
Dit monument is een symbool van dankbaarheid van de Limburgse bevolking voor het offer dat de in het verzet omgekomen Limburgers hebben gebracht. Het kruis is een teken van lijden, strijd en overwinning. De lauwertak is een eerbetoon aan de slachtoffers.

Wijzigingen
Op 15 september 1944 werd op de fusilladeplaats een kruis van takken geplaatst. In november 1944 werd dit gedenkteken vervangen door een houten kruis met namen. Eind 1947 werd dit kruis vervangen door de gedenksteen, die er tot op heden nog staat. In 1959 is het vredescarillon aan het monument toegevoegd. De open kapel (gebouwd in 1958) werd eind jaren 80 voorzien van glaswanden, nadat het interieur herhaaldelijk door vandalen was vernield. Toen in 1998 en 1999 ook de glaswanden waren vernield, werden zij vervangen door gehard glas dat is gevat in aluminium kozijnen. In 2001 is bij de kapel een beveiligingssysteem met camera geplaatst. In 2003 worden op de ruimte tussen de zijmuren en het Mariareliëf plaquettes geplaatst, met de 24 namen van de Limburgse verzetsmensen wier naam na 1958 bekend is geworden.

Locatie niet correct? Geef een verbeterde locatie door.

De geschiedenis

Het 'Provinciaal Verzetsmonument' in Valkenburg (gemeente Valkenburg aan de Geul) is opgericht ter nagedachtenis aan alle Limburgse verzetsmensen die tijdens de Tweede Wereldoorlog in de strijd tegen de bezetter zijn omgekomen.

De namen van de negen slachtoffers, genoemd op de carillonklokken, luiden:

Sjeng Coenen, Joep Francotte, Johan Guelen, Jan Hendrikx, Cornelis Krans, Jo Lokerman, Leo Moonen, Kapelaan Naus en Harry Tobben.

'Op woensdag 6 september 1944, des ochtends te ongeveer 9.00 à 10.00 uur, was ik op het gemeentehuis van Valkenburg. In die dagen was ik loco-burgemeester. Daar vernam ik, dat op den Cauberg twee lijken lagen van aldaar door de Duitschers neergeschoten jongemannen, waarschijnlijk behoorende tot een Nederlandse verzetsbeweging, daar er een papier bij lag, waarop geschreven was: Terroristen.' Zo begint een verklaring van Emile Caselli, afgelegd op 11 april 1945 over de executie van Sjeng Coenen uit Simpelveld en Joep Francotte uit Vaals, leden van de Knokploeg Zuid-Limburg.

Op dinsdag 5 september 1944 (Dolle Dinsdag) haalden Coenen en Francotte in Geulle twee auto's op die nodig waren voor een overval op het kamp Vught (het enige officiële SS-Concentratiekamp in het bezette Noordwest-Europa). Zij reden naar de boerderij van Horsmans in Ulestraten, waar tevens wapens waren verborgen. Toen Horsmans 's middags het bericht kreeg dat bij hem Duitse militairen zouden worden ingekwartierd, lichtte de boer via zijn illegale directe telefoonlijn de KP-centrale in Ulestraten hierover in. Een halfuur later kwamen Coenen, Francotte, Dick Meulenkamp en nog enkele andere KP'ers de boer assistentie verlenen. De auto's en wapens werden onmiddellijk van het erf verwijderd en in het bos verstopt.

Tegen negen uur in de avond keerden Coenen, Francotte en Meulenkamp terug naar de boerderij, waar inmiddels tientallen Duitse soldaten waren gearriveerd. Het drietal gedroeg zich in de ogen van de bezetter nogal vreemd. Toen zij hun legitimatiebewijs moesten laten zien, maakte Coenen er zo'n theater van, dat Meulenkamp kans zag te vluchten. Coenen werd gefouilleerd. Toen er een pistool werd gevonden, ontstond onder de militairen grote opschudding. Vervolgens werden Coenen en Francotte door vier militairen naar een hotel in Valkenburg gebracht. Na een kort verhoor schreeuwde een dronken SS-officier dat de 'Schweinhunde umgelegt' moesten worden. Maar de militairen konden het onderling niet eens worden.

Even later hoorde de eigenaar van hotel Excelsior een wagen stoppen en dan een schreeuw: 'Hände hoch. Gegen die Mauer!' Twee burgers kwamen binnen, gevolgd door drie Duitsers. De commandant van de hier ingekwartierde troepen liet alle burgers uit de zaal verwijderen. Na een stemming was een meerderheid van de 18 aanwezige militairen voor de doodstraf. Om elf uur werden de twee KP'ers door zes militairen naar hotel Continental gebracht, waar de Ortskommandant zetelde. Ook hier vond weer een bespreking plaats. Het was ongeveer twaalf uur toen dezelfde militairen weer met Coenen en Francotte vertrokken. Daarna heeft niemand hen meer levend gezien.

Als de militairen tegen vier uur in de morgen terugkeren en de eigenaar van hotel Continental hun vraagt wat er met de twee mannen is gebeurd, antwoordden zij: 'Die sind erledigt.' Een van de Duitse officieren vertelde aan een van de hotelgasten: 'U mag het aan iedereen hier in Valkenburg vertellen, ik heb hen laten neerschieten. Ich habe sie erschiessen lassen.' Coenen en Francotte waren op bevel van majoor Bernhardt op de Cauberg doodgeschoten.

De volgende dag ontdekte een passant de lijken langs de weg. De twee slachtoffers waren met hun polsen aan elkaar gebonden, hun schedels waren ingeslagen en ze hadden ernstige verwondingen aan hun gezicht. Een nekschot had een einde aan hun leven gemaakt. Loco-burgemeester Emile Caselli probeerde bij de Ortskommandant toestemming te krijgen de lijken van de straat te halen. Na drie pogingen stemde de Duitser toe: 'Machen Sie damit was Sie wollen, dass sind ja Terroristen.' Op 7 september 1945 werden de stoffelijke resten van Sjeng Coenen en Joep Francotte in nissen op de begraafplaats bijgezet.

Op 1 november 1944 werd door aalmoezenier Harry Huybers en een delegatie Stoottroepen op de fusilladeplaats een houten kruis gezet. Bij dit eenvoudige gedenkteken kwamen de oud-verzetsmensen op 5 september 1945 voor het eerst bijeen om hun omgekomen kameraden te herdenken. Twee jaar later werd het houten kruis op de Cauberg vervangen door een gedenksteen. In september 1947 werden op deze plaats naast de gevallen KP'ers, ook alle andere in het Zuidlimburgse verzet gesneuvelden herdacht. Deze plechtige herdenking werd in de daarop volgende jaren een traditie. Zij kreeg een nog diepere inhoud toen het voormalige verzet uit Midden- en Noord-Limburg er zich in 1956 bij aansloot. Van dat jaar af vindt telkens op de zondag die het dichts bij 5 september ligt, bij de gedenksteen een herdenkingsplechtigheid plaats voor de ruim 300 Limburgse verzetsmensen die in de strijd tegen de bezetter zijn gesneuveld.

Oprichting
Het was de toenmalige Commissaris van de Koningin in de provincie Limburg, dr. mr. F. Houben, die met het voorstel kwam de namen van alle omgekomen Limburgse verzetsmensen in een kapel vast te leggen en die kapel te bouwen tegen de helling van de Cauberg. 'Daarbij werd uitdrukkelijk bepaald dat het niet de bedoeling was de jaarlijkse herdenking voortaan in deze kapel te houden. Zij zou vooral gebouwd worden om het de nabestaanden van de gevallenen mogelijk te maken bij bepaalde gelegenheden hun dierbaren, van wie er velen niet meer zijn teruggevonden, terwijl anderen in het buitenland begraven liggen, in alle stilte te gedenken.'

Onthulling
De kapel is onthuld op 18 mei 1958 door de Commissaris van de Koningin in de provincie Limburg, dr. F.J.M.A.H. Houben. De bisschop van Roermond, mgr. dr. A. Hanssen, heeft het monument ingezegend.

Het vredescarillon is op 6 september 1959 in werking gesteld door de Commissaris van de Koningin in de provincie Limburg, dr. F.J.M.A.H. Houben. Sindsdien zijn de klanken van het klokkenspel zes maal daags te horen, waarmee de aandacht op het monument wordt gevestigd. Dankzij de financiële steun van de provincie, negen Limburgse gemeenten en een aantal ondernemingen en particulieren, is dit carillon aan het monument toegevoegd.

Locatie
De kapel is geplaatst op de Cauberg in Valkenburg (gemeente Valkenburg aan de Geul). Voor bezichtiging van de kapel dient u zich te melden bij de secretaresse van de burgemeester (vice-voorzitter van de stichting), 043-609 92 03. Het gedenkteken is niet toegankelijk voor minder-validen.

Bronnen

  • Stichting Herdenking der Gevallenen van het Verzet in Limburg 1940-1945;
  • Herdenkingsmonument op de Cauberg te Valkenburg voor de Gevallenen in het Verzet in Limburg uit mei 1958;
  • Aantreden van juni 1955, nr.6, uitgegeven door de Nederlandse Vereniging van Ex-politieke Gevangenen uit de Bezettingstijd;
  • Limburgse Monumenten vertellen 1940-1945 van H.J. Mans en dr. A.P.M. Cammaert (Maastricht, Stichting Historische Reeks, 1994). ISBN 90 70356 678;
  • Sta een ogenblik stil... Monumentenboek 1940/1945 van Wim Ramaker en Ben van Bohemen. (Kampen, Uitgeversmaatschappij J.H. Kok Matrijs, 1980). ISBN 90 242 0185 3.

Voor meer informatie
Onze Gevallenen van A. van Aernsbergen (1964).

Herdenking

Op 4 mei vindt de Nationale Herdenking plaats en wordt er in heel Nederland herdacht. Daarnaast zijn er door het jaar heen herdenkingen waar specifieke groepen slachtoffers of bijzondere gebeurtenissen worden herdacht, zoals de Indiëherdenking op 15 augustus en de Nationale Holocaust Herdenking (laatste zondag van januari).
Wij brengen al deze herdenkingen onder in de herdenkingskalender. Alle herdenkingen van de Tweede Wereldoorlog en oorlogssituaties en vredesoperaties daarna in Nederland kunt u aanmelden.
Er is nog geen herdenking bij dit monument aangemeld. Dat kunt u hier doen.

Persoonlijke bijdragen

Heeft u een persoonlijk verhaal met betrekking tot dit monument en/of de geschiedenis waarnaar deze verwijst? Deel uw verhaal hier en help ons de herinnering aan de Tweede Wereldoorlog levend te houden.