4meiOverlay

48 vermoorde kinderen van de Berg-Stichting


Op 20 april 2017 is een monument onthuld ter herinnering aan 48 vermoorde Joodse kinderen en vier stafleden van de Berg-Stichting. “De grootste ramp uit de Larense geschiedenis,” aldus documentairemaker Ineke Hilhorst, initiatiefnemer van het monument. Wat was de Berg-Stichting? Wie woonden er en wat is er met hen gebeurd?

Door Karen Waterman | foto Foto Miché

Berg-stichting

De Berg-Stichting is opgericht in 1909 en vernoemd naar de Joodse zakenman Albert (Sally) Berg. Hij verdiende zijn fortuin met het modehuis Hirsch & Cie op het Leidseplein in Amsterdam, nu de locatie van de Apple Store. De stichting zette zich in voor de opvoeding en verpleging van Joodse kinderen van wie de ouders waren overleden, uit de ouderlijke macht waren gezet, of door armoede niet in staat waren kinderen een goede toekomst te bieden. Kinderen “die ‘vagabondeerden’ zoals de twaalfjarige B.B. die ’s nachts zwierf op de groentemarkt, gekleed in lompen, overdag op bierkarren rondreed, straatschenderij pleegde en zijne moeder de baas was. Een jaar later was deze jongen weldoorvoed, proper, ordelijk en net, verdient hij bij een patroon enig loon.” De Berg-Stichting koopt 2,5 hectare grond aan de Doodweg in Laren, genoemd naar de ‘doodwegen’ richting het Sint Janskerkhof. Daar wordt een kindertehuis gebouwd dat in 1911 zijn deuren opent. 

Strenge discipline

Als de Tweede Wereldoorlog uitbreekt, wonen ruim honderd jongens en meisjes in de Berg-Stichting. Er heerst een strenge discipline. De kinderen werken mee om het huis draaiend te houden: schoenen poetsen, kousen stoppen, werken in de tuin en helpen bij het onderhoud van het gebouw. Niet alle kinderen zullen met een even goed gevoel aan hun verblijf in de Berg-Stichting terugdenken.

Omdat het bestuur in 1929 geen geschikte Joodse leidinggevende kon vinden, wordt een niet-Joods directeursechtpaar aangesteld: Jan en Tine Reitsema. Die keuze zal de loop van de geschiedenis veranderen. Vanaf het begin van de oorlog is Jan Reitsema voortdurend bezig om kinderen en personeel uit handen van de Duitsers te houden. Meer dan de helft van de kinderen zal de oorlog uiteindelijk overleven, mede dankzij zijn inspanningen.

Reitsema huurt in het geheim een aantal huizen aan het Rapenburg in Amsterdam. Hij regelt vervalste verhuisvergunningen. In groepen van negen verhuizen de kinderen en stafleden naar Amsterdam. Daarna zijn de bewoners van de Berg-Stichting uit Laren verdwenen. Onder hen ook Maurits Cohen die sinds 1939 in de Berg-Stichting woont, samen met zijn twee broers Hans en Louis. Hij zal de oorlog overleven, zijn broers niet.

In Amsterdam lukt het Reitsema diverse kinderen te redden door ze te helpen onderduiken. De kinderen worden als ‘vermist’ of ‘weggelopen’ aangeduid. Hij neemt het zelfs met succes op tegen de beruchte SS’er Aus der Fünten. Maar niet alle kinderen kunnen worden gered. Maurits Cohen, dan negen jaar, herinnert zich nog hoe aan de ene kant kinderen stonden te wachten terwijl aan de andere kant Reitsema met de Duitsers in gesprek is en argumenteert dat het hier gaat om ‘Mischlinge’, kinderen waarvan niet duidelijk is dat ze Joods zijn. Toch worden veertien kinderen die dag afgevoerd, zij zullen niet meer terugkomen. Reitsema duikt onder. Van de overgebleven kinderen lukt het een aantal onder te duiken, anderen worden direct gedeporteerd. Uiteindelijk zullen zeventig kinderen en stafleden overleven.

Herinnering van Laren

Na de oorlog keert het echtpaar Reitsema terug en blijft tot hun pensioen in 1960. De eerste pupillen zijn kinderen die de Holocaust overleefd hebben. In 1959 wonen er nog maar 32 kinderen, in 1963 wordt het gebouw verkocht. De overgebleven kinderen zijn ondergebracht in het Joodse kindertehuis aan de De Mirandalaan in Amsterdam. De geschiedenis van de Berg-Stichting wordt vergeten. Tot Ineke Hilhorst het initiatief neemt om de Berg-Stichting en haar vermoorde oud-bewoners weer hun plaats in de herinnering van Laren terug te geven. Hilhorst: “Laren had geen Holocaustmonument, dat vond ik een groot gemis. Zeker toen ik ontdekte dat er zo veel Larense Joden zijn vermoord, vond ik dat het er moest komen.” Ze benaderde de kunstenaar Lon Pennock, richtte een comité van aanbeveling op en presenteerde haar voorstel bij B&W. “Iedereen was meteen enthousiast.” In een onwaarschijnlijk korte tijd van negen maanden stond er een monument. Maurits Cohen: “Er is recht gedaan aan de moed en het doorzettingsvermogen van Jan Reitsema. En, nog belangrijker, het verhaal is voor de toekomst bewaard.”


 

Monument voor Joodse kinderen

Het monument is ontworpen door Lon Pennock en bestaat uit een cortenstalen sculptuur van 3.40 meter hoog. Bij het monument staat een plaquette met daarin gegraveerd de namen van de 48 Joodse kinderen en vier stafleden van de Berg-Stichting die door de duitsers zijn vermoord. het monument staat in het reitsemaplantsoen, vernoemd naar de directeur van de BergStichting die veel kinderen uit de handen van de nazi’s wist te houden. een aantal overlevenden woonde de onthulling van het monument bij. Leerlingen van de Laar & Berg-school, die op het terrein van het toenmalige kindertehuis staat, zorgen voor het monument.

Ter gelegenheid van de onthulling van het monument verscheen het boekje De Slag om de Berg Stichting, van de hand van ineke hilhorst, teun koetsier en elbert roest, iSBn 978-90-77285-42-8.

Meer informatie