4meiOverlay

Van heldhaftigheid komt niets terecht

Victor Draaijer (1919), Barendrecht - Zuid-Holland

De brug bij Barendrecht moeten ze innemen. Maar ze zijn niet opgewassen tegen de Duitsers. Bevelen worden verkeerd begrepen, paniek breekt uit en soldaten verlaten hun stellingen. Uiteindelijk ruimen ze het veld. Victor Draaijer is één hen. 23 Mannen komen om. Een gedenksteen herinnert hieraan. Voor Draaijer en z’n medesoldaten is het een klap als Nederland zich kort daarna op 14 mei 1940 overgeeft: "Mensen huilden alsof ze iets dierbaars moesten prijsgeven". Als krijgsgevangene komt hij terecht in Oud-Beijerland en daarna in Duitsland. Tot in detail weet hij nog wat er bij Barendrecht gebeurde.

door Anita van Stel


In dienst

"Ik moest als jongen van negentien in dienst. Vanwege de mobilisatie mocht ik niet afzwaaien toen mijn tijd erop zat. Je had nauwelijks besef van wat er aan de hand was. Nadat Engeland en Frankrijk Duitsland de oorlog verklaarden, op 3 september 1939, werd mijn bataljon naar de Belgische grens gestuurd. Daar moesten we verdedigingswerken oprichten."

10 mei 1940
"In de vroege morgen van 10 mei 1940 hoorde ik plotseling gebrom in de lucht. Er kwam een groot vliegtuig laag over. De zwart-witte kruizen op de vleugels en romp waren goed te zien. Later bleek dat het een Duits transportvliegtuig met parachutisten was. Ik maakte de sergeant wakker. We wisten nog niet dat de oorlog was uitgebroken. Inmiddels kwamen hele zwermen Duitse vliegtuigen over. Even later kregen wij het bevel onze uitrusting op auto's te laden en ons richting Moerdijkbruggen te verplaatsen."

Waalhaven heroveren
"Eerst zouden we worden ingezet om vliegveld Waalhaven in Rotterdam-Zuid op de Duitsers te heroveren. Na een luchtbombardement van de R.A.F. zouden we met mariniers aanvallen, wij vanuit het zuiden over de Oude Maas. Daarvoor moesten we eerst het Hollands Diep oversteken om naar de Barendrechtse brug te marcheren. Ik vond het een hachelijke onderneming, want ik niet kon zwemmen. Maar de oversteek lukte."

Brug innemen
"Uiteindelijk moesten we niet naar de Waalhaven, maar kregen we het bevel de Barendrechtse brug in te nemen. Vlakbij de brug was een fabriek waar Duitse parachutisten zaten. De meesten van hen kwamen van de Hitlerjugend en hadden al in Polen gevochten. Ze waren veel beter uitgerust dan wij. Wij wisten van toeten noch blazen, maar dachten hen wel even van de brug af te jagen. De artillerie schoot de fabriek in brand en de Duitsers vluchtten eruit, de spanten van de brug in. Een mortier kwam bij ons in de stelling. Een kameraad kreeg een scherf onder zijn helm en was op slag dood. De Duitsers schoten ook met mitrailleurs. Onze jongens vluchtten uit de stellingen. De lichte brigade zou per schip arriveren en helpen met de bestorming van de brug. Wij kregen de opdracht het vuur te openen op een schip dat langs kwam varen, omdat men dacht dat het vol met Duitsers zat. De Duitsers beschoten het schip ook. Later bleek dat het niet vijandelijk was. Mensen op het schip kwamen om, misschien ook omdat ze de volle lading van ons kregen."

Liever een levende lafaard dan een dode held
"Drie pantserwagens kwamen de brug op rijden. Er werd gezegd dat de Fransen ons te hulp kwamen, maar het waren Duitsers. De parachutisten waren van de brug af gekropen, met het plan ons op te ruimen. Als ze vuur hadden uitgebracht met de pantserwagens waren we de klos geweest, want we hadden niks achter ons. Die drie pantserwagens werden door kanonvuur van ons uitgeschakeld. In de tussentijd was er wel paniek uitgebroken, omdat het gerucht ging dat de vijand westelijk van de brug was geland. Later bleek dat de beschietingen uit die richting. Jongens sloegen op de vlucht. Een van hen smeet zijn geweer weg en riep tegen me 'ik ben liever een levende lafaard dan een dode held'.

Ik bedacht dat ik de jongens niet kon laten afslachten. Karel, een kameraad liep met een bajonet te zwaaien, vond het geen stijl dat mensen hun post verlieten. Ik bracht hem tot bedaren en zei dat ík niet van plan was er vandoor te gaan. We gingen samen verder. Ik was niet heldhaftig, want van heldhaftigheid komt niks terecht, maar ik heb nooit mijn geweer weggegooid. Tegen de avond gaf de commandant aan dat we de dijk moesten ontruimen. We trokken ons terug, wat overigens in strijd was met de eerder gegeven bevelen. De volgende morgen kwamen de Duitsers pas de brug over, omdat ze dachten dat er nog troepen lagen. We konden het niet redden, want we waren niet opgewassen tegen het geweld."

Rotterdam gebombardeerd
"Opnieuw zouden we oprukken naar de Waalhaven, maar in de verte werd Rotterdam gebombardeerd. De bommenwerpers vlogen over ons heen. De volgende dag capituleerde Nederland. Op 15 mei werd hiervan mededeling gedaan aan de troepen. Op veel gezichten was de teleurstelling zichtbaar en mensen huilden alsof ze iets dierbaars moesten prijsgeven. Omdat we verzet hadden geboden, mochten we van de Duitsers naar Crooswijk marcheren met de wapens. Daar werden we ontwapend en later als krijgsgevangenen gelegerd in Oud-Beijerland."

Naar Duitsland
"Uiteindelijk moest ik naar Duitsland. Drie jaar werkte ik in Bremen bij wat nu Mercedes Benz is. Op oudejaarsdag 1944 ontsnapte ik met twee anderen. Die werden gepakt door de Gestapo. Een heeft het niet overleefd. Ik werd opgepakt. Aan het einde van de oorlog vluchtte ik weer en kwam ik bij een boer terecht. Daar heb ik twaalf dagen gezeten totdat ik door de linies heen."

Van heldhaftigheid komt niets terecht