4meiOverlay

Gedenk wat Amalek u gedaan heeft

Ben Kosses, Bourtange (gemeente Vlagtwedde) - Groningen

Na de oorlog trouwt hij met de dochter van het gezin waar hij was ondergedoken. Zelf is hij van Joodse afkomst. Ben Kosses (1921) en zijn vrouw vertellen op scholen over de Tweede Wereldoorlog. Als Bourtange als voormalig vestingstadje wordt gerestaureerd, zetten Kosses en zijn vrouw met een werkgroep alles op alles voor de herinrichting van de synagoge. Op de herdenkingsplaquette staan de namen van zijn ouders, zijn broer en 43 andere Joodse slachtoffers uit Vlagtwedde en Bourtange. Ben Kosses heeft ze allemaal gekend. Hun namen mogen niet vergeten worden.

door Robert Boxem


Concentratiekampen langs de grens
"Mijn vader was handelaar in kleinvee in Vlagtwedde. Veel joden zaten in de veehandel. De gemeente Vlagtwedde ligt aan de Duitse grens. Mijn vader had contacten in Duitsland, er woonde familie. Meteen in 1933, toen de nazi's de macht overnamen, hoorden we van het gevaar. Er kwamen concentratiekampen langs de grens, daar zijn veel mensen afgebeuld tot ze stierven. Je zag Joodse en communistische vluchtelingen in het dorp. De politiek werd besproken."

Verraden, gedeporteerd en vermoord

"Ik wist dat de Joden in Duitsland niets goeds te wachten stond. Ik heb me dan ook niet gemeld voor tewerkstelling, maar ging werken voor een slagerij. Ik heb me ook niet voor kamp Westerbork gemeld. Mijn jongere broer Willie wel, hij is in 1942 naar Auschwitz gedeporteerd en vermoord. Mijn ouders wilden eerst niet onderduiken, maar hebben dat toch gedaan. Zij zijn na verraad in 1943 opgepakt, gedeporteerd en in Auschwitz vermoord. Mijn zuster Bettie kwam op hetzelfde onderduikadres terecht als ik en heeft de oorlog overleefd. Zij woont nu in Israël."

Van hot naar her

"Tot augustus 1942 kon ik blijven werken, daarna werd het te gevaarlijk. Vooral door enkele NSB-ers in het dorp die mij op het oog hadden. Met een oom ben ik op zoek gegaan naar een onderduikplaats, nadat we door de veldwachter waren gewaarschuwd. Die was 'goed' en vertelde vooraf dat hij ons moest arresteren. Van augustus tot december heb ik op zoveel plekken gezeten: hier een week, daar een nacht. Ik ben zelfs naar Amsterdam geweest en naar het adres waar mijn ouders zaten, maar ik kon nergens blijven. Uiteindelijk ging ik maar weer terug naar Oost-Groningen, ik was helemaal berooid. Voordat ik moest onderduiken hadden veel bekenden en buren gezegd: 'kom maar bij ons als het nodig is'. Maar toen ik daar kwam hadden ze opeens geen trek meer, vonden ze het te gevaarlijk of ze hadden met hun vrouw gepraat en die zag het niet zitten."

Familie Drenth had wel 15 onderduikers
"Ik heb in deze periode zelfs een paar dagen in een schuilplaats gelegen in een boerderij die door de nazi's was gevorderd. Ik moest de hele dag stil zijn en me niet verroeren, verschrikkelijk. Toen ik er even uit werd gelaten, zei ik: 'Daar ga ik niet in terug'. Ik werd naar de familie Drenth gebracht. Het was december 1942. Onderweg werd mijn begeleider gegroet door een meisje, ik weet het nog goed. Dat meisje is mijn vrouw geworden. De familie Drenth woonde in een boerderijtje in Stadskanaal. Ze hadden niet veel, vader Drenth was landarbeider. Zelf verbouwden ze wat groente en hielden ze beesten. Toch deden ze alles voor mij, en voor anderen. Ze stelden hun huis open voor iedereen die een plaats nodig had. Mijn zuster kwam erbij. In de loop van maanden groeide het aantal Joodse onderduikers tot vijftien. We bleven altijd binnen in dat huisje. Het verzet bracht geld en bonkaarten. Ik heb bij de familie Drenth les gegeven aan de kinderen die er waren: lezen, schrijven, rekenen, geschiedenis, aardrijkskunde, wat ik wist. Op de bevrijdingsdag, 13 april 1945, mochten we eindelijk naar buiten, de zon in, het was een prachtige dag. Lammie, de oudste dochter van Drenth, en ik hadden verkering gekregen en we zijn na de bevrijding getrouwd. We hebben een vleeswarenbedrijf opgezet. Tot mijn 55e heb ik dat geleid, daarna ging ik met pensioen en hebben de kinderen het overgenomen. Lammie en ik zijn gaan reizen: met de caravan zijn we veel weggeweest, tot Rusland en Israël toe.

Joods monument
In de jaren zeventig werd Bourtange als voormalig vestingstadje gerestaureerd. Ook de oude synagoge, waar wij vroeger altijd naartoe gingen, werd hersteld. Na de oorlog hadden er mensen gewoond. De synagoge was na de restauratie van binnen helemaal leeg. We hebben samen een werkgroep opgericht voor de herinrichting. Fondsenwerving, materiaal zoeken, enzovoorts. Nu staat de synagoge er weer goed bij, niet helemaal zoals vroeger, maar het lijkt erop. Ik heb me vervolgens persoonlijk sterk gemaakt voor een monument voor de 46 omgebrachte Joden uit Vlagtwedde en Bourtange. Ik heb al die mensen gekend. In 1989 werd een plaquette aangebracht aan de buitenkant van de synagoge. Zo kan iedereen die het vestingstadje binnenkomt het zien. De slachtoffers staan met voor- en achternaam en leeftijd op de plaquette. Vooral die leeftijden maken iets los bij de mensen die het lezen: 82 jaar, 81 jaar, 9 jaar, 6 jaar... Natuurlijk staan mijn ouders en mijn broer er ook bij. Op de steen staat in het Hebreeuws en in het Nederlands de spreuk: Gedenk wat Amalek u gedaan heeft...vergeet het niet. Lees voor Amalek maar Hitler. Ieder jaar wordt er door schoolkinderen met Dodenherdenking een krans gelegd, ook wordt er gezongen. We zijn hier vaak bij geweest. Ook gaan we wel naar de herdenking bij het voormalige Kamp Amersfoort.”

Niet vergeten
"Ik vind monumenten belangrijk. De herinnering moet voor het nageslacht worden bewaard, de namen van de slachtoffers mogen niet worden vergeten. Ook nu worden er nog monumenten opgericht. Dat is goed. Zeker met alle ellende van tegenwoordig en de dreiging die ons boven het hoofd hangt. Je weet niet wat er in de wereld gaat gebeuren. Misschien zullen we over een tijd de Tweede Wereldoorlog niet meer herdenken. Lammie en ik hebben vaak op scholen voorlichting over de Tweede Wereldoorlog gegeven. Ook hebben we lezingen gegeven in het Herinneringscentrum Kamp Westerbork. Langzamerhand ben ik daar te oud voor. Maar ik vind het belangrijk dat er aandacht aan de oorlog geschonken wordt, dat er nog steeds wordt geluisterd naar wat wij hebben meegemaakt."
Gedenk wat Amalek u gedaan heeft