4meiOverlay

Voorkomen dat nieuwe vijandschap ontstaat

Meint Mulder (1938), Kolham - Groningen

Meint Mulder (1938) maakt de oorlog mee als klein jongetje. Hij herinnert zich rondcirkelende vliegtuigen. Zoektochten naar neergeschoten piloten. De intocht van de Canadezen in zijn dorp. Jaren later is hij directeur van de dorpsschool in Kolham. Hij vertelt zijn klas het verhaal van Paul Niewold. Een rustige dorpgsgenoot. Zomaar weggevoerd als vergelding voor stakingen. Door de bezetter doodgeschoten. Zijn lichaam is nooit teruggevonden. Samen met zijn groep 8 van 1990-1991 start hij een actie voor de nagedachtenis van Paul Niewold. Op 4 mei 1994 is de gedenksteen onthuld.

door Anita van Stel

Regio Slochteren
"In onze regio, rond Slochteren, is in de oorlog niet gevochten. Ik was weliswaar nog klein, maar kan me wel de rondcirkelende vliegtuigen herinneren. Ze zochten dan naar neergeschoten piloten. Ook weet ik nog dat we door onze ouders van school werden gehaald. Of dat ik niet langer bij het kanaaltje mocht vissen, omdat het te gevaarlijk was. Dat zal aan het eind van de oorlog zijn geweest. Achter op de Muggenbeek in een huis zaten de laatste Duitsers. Mijn vader wees de Canadese bevrijders, die met tanks het dorp kwamen binnenrollen, de plek en waarschuwde dat ze gewapend waren. Ze zetten meer materieel in en de Duitsers werden eenvoudig gearresteerd. We kregen een jongen uit Amsterdam in huis, die bij ons kwam aansterken."

Paul Niewold
"In mei 1943 besloot de Wehrmacht dat alle Nederlandse soldaten in krijgsgevangenschap moesten terugkeren. Dit leidde tot een spontane staking in het hele land. Uit woede over het besluit legde iedereen het werk neer, ook op de landbouwbedrijven, de scheepsbouw in Hoogezand en op de fabrieken in de buurt van Kolham. Mulder: "Een van de stakers op aardappelmeelfabriek 'De Woudbloem' was Paul Niewold (1901), een rustige man die nooit een mens kwaad had gedaan. Hij werd door een politieman uit zijn woning in Kolham gehaald en naar Hoogezand vervoerd. Het was een vergeldingsactie, waarbij willekeurig mensen werden opgepikt. Hij had gewoon pech. Hij werd zonder pardon doodgeschoten. Als afschrikwekkend voorbeeld voor de andere stakers. De moord werd de volgende dag door middel van een 'Bekanntmachung' breed uitgemeten. Niemand heeft ooit vernomen waar het lichaam van Niewold naar toe is vervoerd. Er is niets van hem teruggevonden."

Groep 8 van 1990-1991
"De kinderen in de klas waren altijd onder de indruk van de geschiedenis van Paul Niewold, ook omdat hij uit Kolham kwam. Kasper Amerika schreef in 1988 het boek '700 jaar Kolham'. Daarin sprak hij een wens uit: 'hopelijk zal voor al onze gevallenen in de nabije toekomst nog eens een steen te hunner gedachtenis in ons dorp worden opgericht'. Mijn groep 8 van 1991 wilde wel wat ondernemen. Ik heb ze een beetje gepusht om iets met de oproep in het boek te doen. Ze begonnen zelf brieven te schrijven naar de gemeente. We wilden eerst een viaduct vernoemen naar Paul Niewold. Hij woonde daar in de oorlog dichtbij en het was het viaduct boven de weg waarover zijn laatste reis ging. Zijn weduwe gaf toestemming, maar de provincie en gemeente niet. Vervolgens richtten we ons op de gedenksteen, voor alle - bij mijn weten zes - gevallenen uit het dorp. Toen de leerlingen van school waren zette ik de voorbereidingen door."

4 mei 1994

"De gedenksteen moest centraal in het dorp komen, naast het dorpshuis 't Mainschoar'. Ik zat in het bestuur van het dorpshuis en kreeg er de handen voor op elkaar. Ook de Vereniging van Dorpsbelangen Kolham kon zich in de plannen vinden. We kozen een steen, omdat dit paste bij de wens van schrijver Kasper Amerika. De financiële middelen spaarde ik op school bij elkaar. Na drie jaar was het voor elkaar. Op 4 mei 1994 kon de wethouder van Onderwijs Van Dijken het monument onthullen, in aanwezigheid van de toen al ernstig zieke Amerika en de klas uit 1991. Bij de onthulling waren verschillende nabestaanden aanwezig, die zeer aangedaan waren. Moet je je voorstellen, dat je man of broer op een kwade dag vertrekt en dat je nooit meer iets van hem terugziet."

Van de school

"Voordat het monument er was, vonden in Kolham geen herdenkingen plaats. Sinds 1994 vindt er elk jaar op 4 mei een dodenherdenking plaats. Toen ik nog op de school werkte, ging ik begin mei altijd met de klas naar het monument en maakten we de steen schoon. Tijdens de herdenking legden we bloemen en droegen we gedichten voor. We hadden het monument niet geadopteerd, het was gewoon ván de school. De laatste jaren heeft Dorpsbelangen het onderhoud overgenomen. Ik was in 1994 al laat met het monument, maar daarna zijn er ook in een aantal omliggende dorpen nog gedenkstenen opgericht. Dat vind ik toch mooi." 

De Europese gedachte

"Het is belangrijk dat de jeugd zich bewust is van de geschiedenis. Ik organiseerde voor mijn klas ook een uitwisseling met Duitse scholieren. Ik ben als 'Europäer' pleitbezorger van de Europese gedachte. Mijn vrouw is in Duitsland geboren. Haar vader is in mei 1945 nog gesneuveld in gevecht met de Engelsen. Het uitwisselen van ideeën over grenzen heen moet voorkomen dat nieuwe vijandschap ontstaat."

Bron: 

  • 700 jaar Kolham, Kasper Amerik
Voorkomen dat nieuwe vijandschap ontstaat