Adopteer een monument

Herdachte groepen: Verzet Nederland
Onthulling: 29 april 1993
Adopteer dit monument.
Dit monument is in schooljaar 2018-2019 geadopteerd door Poort.

Almere, 'Bos der Onverzettelijken' (foto: Ars Longa Tentoonstellingen)
Almere, 'Bos der Onverzettelijken' (foto: Ars Longa Tentoonstellingen)
Almere, 'Bos der Onverzettelijken' (foto: B. van Bohemen/NIOD)
Almere, 'Bos der Onverzettelijken' (foto: B. van Bohemen/NIOD)
Almere, 'Bos der Onverzettelijken' (foto: Ars Longa Tentoonstellingen)
Almere, 'Bos der Onverzettelijken' (foto: Ars Longa Tentoonstellingen)
Almere, 'Bos der Onverzettelijken' (foto: Ars Longa Tentoonstellingen)
Almere, 'Bos der Onverzettelijken' (foto: Ars Longa Tentoonstellingen)
Almere, 'Bos der Onverzettelijken' (foto: Ars Longa Tentoonstellingen)
Almere, 'Bos der Onverzettelijken' (foto: Ars Longa Tentoonstellingen)

Het monument

Vorm en materiaal
Het 'Bos der Onverzettelijken' in Almere is een nationaal verzetsmonument met een tweeledig doel: het op één plaats eren van de 2133 Nederlanders die in de periode 1940-1945 door de bezetter zijn gefusilleerd, en het tot stand brengen van een levende, groeiende band tussen het verleden van de verzetsstrijders en de toekomst van nieuwe generaties.

Tekst
Het bos is rijk aan vele verschillende soorten bomen en struiken en wordt doorkruist door paden en lanen. Op wegwijzers staan teksten over allerlei facetten van het nationaal verzet: 1940-1945, April-Meistaking, Artsenverzet, Concentratiekampen, Crossing, Documentenfalsificatie, Engelandvaarders, Februaristaking, Gewapend verzet, Gijzelaars, Hulp aan vervolgden, Illegale pers, Inlichtingenwerk, Kerkelijk verzet, Koeriersters, Kunstenaarsverzet, Onderduikers, Pilotenhulp, Razzia's, Sabotage, Spoorwegstaking, Studentenverzet, Wapendroppings en Zwitserseweg.

Een aantal voorbeelden van de teksten op de wegwijzers in het bos:

'BOS DER ONVERZETTELIJKEN
Door de Stichting Samenwerkend Verzet 1940-1945
geplant ter herinnering aan de in de jaren 1940-1945
gebrachte offers in de strijd voor vrijheid.
Voor elk der 2133 gefusilleerden is 1 boom geplant
alsmede 1 boom voor de onbekende gefusilleerde.
De band van het verzet met het Koninklijk Huis
komt tot uitdrukking in 3 bomen voor de
koninginnen Wilhelmina, Juliana en Beatrix.
Voorts is voor elk der verzetsjaren 1 boom geplant.
Het bos omvat dan ook 2142 bomen.
In het bos herinneren teksten op paddestoelen
aan begrippen uit het verzet in Nederland en
het voormalige Nederlands-Indië.
De eerste bomen werden geplant op 25 maart 1992.
Overdracht aan de gemeente Almere vond plaats op 29 april 1993.'

'GIJZELAARS
In de loop van de bezetting namen
de Duitsers willekeurig honderden bekende
Nederlanders gevangen onder de bedreiging
met de dood indien er verzetsdaden zouden
worden gepleegd.'

'INLICHTINGENWERK
In geheel Nederland hielpen via de illegaliteit
velen mee aan het verzamelen van informatie
over militaire sterkte en activiteiten van de
bezetter.
Langs verschillende wegen gingen hun
inlichtingen naar Engeland.'

'CONCENTRATIEKAMPEN
Duizenden verzetsmensen werden door
de bezetter opgesloten in concentratie-
kampen.
Velen van hen werden vermoord of
bezweken aan martelingen en ontberingen.'

'APRIL-MEISTAKING
Op 29 april 1943 begon in Twente een
staking tegen de door de bezetter geëiste
wegvoering van Nederlandse ex-militairen in
krijgsgevangenschap.
Honderdduizenden elders in het land sloten
zich hierbij aan.'

In het westelijke deel van het bos is de 'Laan van het Indisch Verzet' aangelegd. Bamboe en exotische bomen vormen de omlijsting van de tekst:

'DE GEEST OVERWINT'.

In de noordwestelijke hoek is een cirkelvormige ruimte, omringd door een met struiken begroeide wal, genaamd 'JEUGDLAND'. Hier kunnen kinderen onder begeleiding spelen en bouwen. Hiermee wordt het toekomstgerichte karakter van het monument onderstreept.

Symboliek
In het bos zijn in totaal 2142 bomen geplant. Hiervan zijn 2133 bomen gewijd aan het aantal verzetsmensen dat volgens gegevens van het Rijksinstituut voor Oorlogsdocumentatie tijdens de Tweede Wereldoorlog werd gefusilleerd. Eén boom gedenkt de 'onbekende gefusilleerde'. Vijf bomen staan symbool voor elk van de jaren van onderdrukking en verzet. De band van het verzet met het Koninklijk Huis wordt benadrukt door drie bomen, die gewijd zijn aan de koninginnen Wilhelmina, Juliana en Beatrix.

'Het bos wil daarmee eer betuigen aan allen die in verzet gingen tegen onderdrukking en tirannie, voor vrijheid en democratie. Tegelijkertijd verzinnebeeldt het 'Bos der Onverzettelijken' wat het verzet in zijn breedste schakeringen in die jaren dreef: de zorg voor de toekomst en de bereidheid daarvoor in de slag te gaan. Het voormalige verzet wil met het bos bijdragen aan het oplossen van een van de kernvragen van vandaag: hoe natuur en milieu te verdedigen opdat er nog een toekomst zal zijn. Zo wil het 'Bos der Onverzettelijken', al groeiende, herinneren aan een verleden dat nimmer vergeten mag worden én terzelfder tijd opwekken de blik gericht te houden op de toekomst. Met zijn van jaar op jaar krachtiger wordende bomen zal het bos de boodschap uitdragen dat voor vrijheid, democratie en mensenrechten moet worden gestreden en zal de jonge generaties aansporen tot strijdbare waakzaamheid.'

Locatie niet correct? Geef een verbeterde locatie door.

De geschiedenis

Het 'Bos der Onverzettelijken' herinnert de inwoners van Almere aan het verzet tegen de bezetter in de periode 1940-1945.

Oprichting
De oprichting van het nationaal verzetsmonument was een initiatief van de Stichting Samenwerkend Verzet 1940-1945. In Nederland ontbrak een plek waar alle gefusilleerde verzetsmensen tezamen werden geëerd. Tevens hadden Hare Majesteit Koningin Beatrix en Zijne Koninklijke Hoogheid Prins Claus de wens uitgesproken eventuele geschenken ter gelegenheid van hun 25-jarig huwelijksjubileum tot uitdrukking te brengen door het planten van een boom. De gemeente Almere, als hart van het 'nieuwe land', vormt met het bos een band tussen verleden en toekomst.

Openstelling
Het 'Bos der Onverzettelijken' is op 29 april 1993 door Zijne Koninklijke Hoogheid Prins Bernhard (beschermheer van de Stichting Samenwerkend Verzet 1940-1945) opengesteld voor het publiek. Vertegenwoordigers van het voormalige verzet onthulden samen met een afvaardiging van alle basisscholen van Almere op verschillende plaatsen in het bos teksten die herinneren aan het verzet tijdens de Tweede Wereldoorlog. Met de keuze van 29 april als datum van overdracht en openstelling van het 'Bos der Onverzettelijken' werd eer betuigd aan de honderdduizenden die 50 jaar eerder (op 29 april 1943) het werk neerlegden als protest tegen de aangekondigde deportatie van de Nederlandse ex-militairen in krijgsgevangenschap en aan hen die tijdens de April-Meistaking zijn omgekomen.

Locatie
Het 'Bos der Onverzettelijken' bevindt zich aan de Vrijheidsdreef in de Verzetswijk van Almere-Stad.

Bronnen

  • Commissie Bos der Onverzettelijken;
  • Brochure Een jaar na lancering van initiatief - 'Bos der Onverzettelijken' nadert voltooiing, (Stichting Samenwerkend Verzet 1940-1945 en Commissie 'Bos der Onverzettelijken', 4 september 1992).

Herdenking aanmelden

Op 4 mei vindt de Nationale Herdenking plaats en wordt er in heel Nederland herdacht. Daarnaast zijn er door het jaar heen herdenkingen waar specifieke groepen slachtoffers of bijzondere gebeurtenissen worden herdacht, zoals de Indiëherdenking op 15 augustus en de Nationale Holocaust Herdenking (laatste zondag van januari).
Wij brengen al deze herdenkingen onder in de herdenkingskalender. Alle herdenkingen van de Tweede Wereldoorlog en oorlogssituaties en vredesoperaties daarna in Nederland kunt u aanmelden.
Er is nog geen herdenking bij dit monument aangemeld. Dat kunt u hier doen.

Leven in de geest van de onverzettelijken

Harry Verheij (1917), Almere - Flevoland

Tramconducteur Harry Verheij (1917) maakt deel uit van de 'tramgroep', een communistische verzetsgroep die medeorganisator is van de Februaristaking. In Zuid-Holland geeft hij leiding aan opbouwen van het 'illegale apparaat'. Diverse kameraden bekopen het verzetswerk met de dood. "We mogen de slachtoffers van het fascisme niet vergeten", vindt Verheij, die van 1966 tot 1978 CPN-wethouder van Amsterdam is. Vanaf 1992 is er het Bos der Onverzettelijken in Almere - met 2.133 bomen - een voor elke gefusilleerde verzetsstrijder.

Productie: Interakt; tekst: Anita van Stel


De gevaren van het fascisme

"Mijn vader werkte bij de PTT, de toenmalige posterijen. Daarnaast zorgde hij voor mij en mijn zus, noodgedwongen en reusachtig, want mijn moeder lag drieënhalf jaar in het ziekenhuis. Mijn vader vond het belangrijk dat we boeken lazen en dat we ons bewust werden van de wereld om ons heen. De Amsterdamse Pijp, waar wij woonden, was een echte arbeidersbuurt, waar solidariteit een groot goed was. Al vroeg zagen ze daar de gevaren van het fascisme in. Ik herinner me nog het Dimitrov-proces in de jaren 30: Dimitrov was een in Duitsland werkzame communistische activist die zich tijdens een proces moedig verdedigde tegen beschuldigingen van de nazi’s. Alle buren stonden om vijf uur ’s middags op de krant te wachten, voor het laatste nieuws over dit proces."

Ik voelde maar één ding…
"Op de ambachtsschool werd ik opgeleid tot automonteur en op mijn veertiende kon ik in een garage gaan werken. Destijds een geavanceerde baan, want er reden nog niet veel auto's. Daarnaast sportte ik veel: ik voetbalde en later ging ik wielrennen. In 1939 moest ik in het kader van de mobilisatie als soldaat naar de Grebbelinie. Overigens heb ik daar zelf nooit gevochten. Ik moest achter de linies munitie aanleveren. Vanuit de Grebbelinie trokken we via Utrecht weg naar Vianen. Op 14 mei 1940 zagen we daar de rookpluimen van het gebombardeerde Rotterdam. We hadden geen idee wat zich daar had afgespeeld. Na de capitulatie van Nederland volgden drie weken krijgsgevangenschap. Terug in Amsterdam voelde ik maar één ding, namelijk dat de moffen weg moesten."

Bij de tramgroep
"Al voor de oorlog was ik opgenomen in de Gemeentelijke Arbeidsreserve, een pool waaruit de gemeentebedrijven hun personeel haalden. Zo werkte ik bij het Gemeente Vervoerbedrijf, het GVB. Ik deed onderhoudklusjes aan trams, was conducteur en volgde een opleiding tot trambestuurder. Bij het GVB vond ik collega’s, jonge communisten, die mijn weerzin tegen de bezetting deelden. Door een ambtenarenverbod van vóór de oorlog mochten ambtenaren geen lid zijn van de CPN. De communisten waren dus illegaal georganiseerd en daardoor extreem voorzichtig met het toelaten van nieuwe ‘leden’. Ik kreeg het vertrouwen en mocht me bij de tramgroep aansluiten."

25 februari 1941
"We werden ingeschakeld bij de voorbereidingen van de Februaristaking tegen de Jodenvervolging. Op de Noordermarkt riep de CPN op 24 februari 1941 op om de bedrijven de dag erna plat te leggen. Bij de tram was het moeilijker om een staking te organiseren dan bijvoorbeeld in een fabriek, waar alle arbeiders tegelijk konden stoppen met werken. Wij kregen de opdracht om het gesprek in de potwagens - de personeelswagens die 's ochtends vroeg naar de remise reden - op de razzia's tegen de joden te brengen. Om stemming te maken, zodat de collega's bij aankomst in de remise opgewarmd waren. 'Verdorie, wat kunnen we doen', was de algemene stemming. Er werd wel gesproken over eventuele gevolgen - je kon bijvoorbeeld ontslagen worden - maar uiteindelijk staakten alle collega's mee op 25 februari."

Represailles
"Daarna veranderde er veel. Ik zeg altijd dat de Februaristaking de vlam van het verzet in heel Nederland deed ontbranden. Represailles van de Duitsers tegen CPN-ers volgden. Er werden veel mensen gearresteerd. Al op 13 maart werden drie communistische Februaristakers gefusilleerd, samen met vijftien leden van de Geuzen-verzetsgroep. Anderen werden veroordeeld tot langdurige straffen in Duitse gevangenissen. Ook bij het GVB bleven de Duitsers zoeken naar communisten. Vanwege het gevaar ben ik in mei ondergedoken, om me vervolgens volledig in het verzet te storten."

Rekening houden met gevaar
"Veel mensen denken bij onderduiken vaak aan 'verstoppen' in ruimtes. Voor mij hield het in dat ik een andere identiteit aannam: mijn naam veranderde van Arie in Harry. De eerste maanden deed ik of ik deelnam aan het gewone leven, terwijl ik actief was in de illegaliteit. Ik ging 's ochtends met mijn tasje de deur uit, op weg naar mijn werk, en keerde keurig na 'werktijd' terug. Later moest ik veel reizen. Ik leerde de plaatselijke verzetsleiders van het CPN-verzet in Zuid-Holland hun organisatie op te zetten. Als verzetsman moest je altijd rekening houden met gevaar, je moest gedisciplineerd handelen, en situaties én mensen kunnen taxeren. Daar houd je bepaalde tics aan over. Nog altijd ga ik niet met mijn rug naar een deur zitten en in een trein probeer ik in te schatten wie er naast me zit."

Vier jaar niet jezelf
"In die tijd kwam het van pas dat ik goed kon fietsen. Mijn vrouw, Lizzy Pos, overigens ook. Ik leerde haar kennen als koerierster Nora. Ze fietste tussen Amsterdam en Rotterdam heen en weer. We leefden op de toppen, met veel verdriet over verloren kameraden en anderzijds vreugde als acties lukten. Niemand heeft enig idee wat het betekent om vier jaar niet jezelf te kunnen zijn. Dat blijft je hele leven deel uitmaken van je gevoel. Soms is het net alsof je die ander weer bent, dat je terug bent in die rol. Het is moeilijk uit te leggen en waarschijnlijk voer voor psychologen. Bij herdenkingen ben ik soms weer Harry uit het verzet. Veel herinneringen komen dan boven. Dan voel ik weer dat laatste schouderklopje van die verzetsmakker."

De Vrije Pers
"Evenals elders in het land ontwikkelde het verzet zich in 1944 in Rotterdam sterk. Er ontstond daar een vorm van samenwerking tussen de verschillende verzetsgroepen. Dit leidde tot het uitbrengen van een illegale krant. Ik stelde voor de krant De Vrije Pers te noemen, als uitdrukking van democratie en respect van de groepen voor elkaar. Iedereen kon zich vinden in de naam. Dagelijks stencilden we een aantal pagina's met nieuws over de oorlog. De verspreiding liep via de illegale organisaties die zelf ook nog hun eigen kranten rondbrachten. De Vrije Pers kreeg navolging in andere steden."

In het gewone leven
"Overigens vond het echte verzet plaats in het normale leven. Dat was anders dan in ons omringende landen waar verzet dikwijls de vorm had van gewapende strijd. In Nederland zorgden gewone mensen ervoor dat mensen zoals ik hun verzetswerk konden doen. Buren, die de Duitsers expres verkeerde informatie gaven over verzetsmensen. Of mensen die onderduikers in huis hadden. Te veel om op te noemen. Bij een razzia in Den Haag, waar alle mannen opgepakt werden voor tewerkstelling in Duitsland, leenden twee onbekende vrouwen me vrouwenkleren en voerden me tussen de linies van de Grüne Polizei door naar veiliger gebied. Talloze gewone mannen en vrouwen waren achter de schermen actief. Zonder deze stille meerderheid, die net zo antibezetting was als ik, was het verzetswerk onmogelijk geweest."

Onvoltooide levens
"Een groot aantal kameraden, Februaristakers, werd op 19 november 1942 gefusilleerd. Met hen vergeleken heb ik eigenlijk niks meegemaakt. Mijn bescheiden verhaal moet in het licht van deze zinloos afgebroken, onvoltooide levens worden gezien. Uit alle afscheidsbrieven sprak moed en vertrouwen. Er zijn meer dan tweeduizend mannen en vrouwen gefusilleerd vanwege hun verzet tegen de Duitse overheersing. Zij waren tot het eind toe onverzettelijk en hun dood was een offer voor hun landgenoten. Ik heb begin jaren negentig het initiatief genomen om een monument voor deze strijders op te richten. Ik ging naar het Samenwerkend Verzet en men vond het een goed idee. Er werd een speciale commissie opgericht, waarvan ik lid werd en met mij Bep Hogenhout, Jan Oskam, Siep Geugjes en Jack Batenburg, allen vertegenwoordigers van verschillende verzetsgroepen."

Gericht op de toekomst
"We bedachten dat het monument gericht moest zijn op de toekomst en daarom kozen we voor een levend gedenkteken, in het nieuwe land van Flevoland. Een bos leeft voort. Het verzet was ook geen defensieve activiteit, maar gericht op een betere toekomst: de fascisten moesten eruit en we wilden er daarna samen wat moois van maken. Voor elke verzetsman of -vrouw werd in 1992 een boom geplant, 2133 in totaal, die samen het Bos der Onverzettelijken vormen. Een voor elke gefusilleerde verzetsstrijder, een voor de onbekende verzetsstrijder en drie bomen voor de koninginnen Wilhelmina, Juliana en Beatrix. Het is het meest democratische monument van Nederland, want we hebben geprobeerd alle soorten Nederlandse bomen te planten. Daarnaast zijn de wegwijzers die de herkomst van verzetsstrijders duiden, allen gelijk. Via deze wegwijzers manifesteert het verzet zich in al zijn verscheidenheid. Bij andere monumenten sta je toch vaak tegen een steen aan te kijken. In het Bos kun je de democratische gedachte en de verscheidenheid beleven, want je kunt er doorheen lopen. Het Bos symboliseert de samenleving waarin allerlei groepjes mensen zich verzetten tegen de Duitse overheersing."

Solidariteit, vrijheid en democratie
"Alle nabestaanden hebben 45 gulden bijgedragen aan de totstandkoming. We zien dit monument als een 'afrondend monument met een nationaal karakter', voor het verzet in zijn geheel. De naoorlogse strijd, over het claimen van verzetssuccessen door bepaalde bloedgroepen, is daarmee wat ons betreft beëindigd. Voor mij persoonlijk is herdenken niet het alleen op 4 mei stilstaan bij een monument, maar leven in de geest van degenen die zich inzetten voor solidariteit, vrijheid en democratie. We hopen met het Bos ook jongeren daartoe te inspireren."
Leven in de geest van de onverzettelijken

Persoonlijke bijdragen van onze bezoekers

Heeft u een persoonlijk verhaal met betrekking tot dit monument en/of de geschiedenis waarnaar deze verwijst? Deel uw verhaal hier en help ons de herinnering aan de Tweede Wereldoorlog levend te houden.

Let op: wilt u een wijziging voor deze monumentpagina (bijvoorbeeld een correctie of aanvulling) doorgeven? Neem dan contact met ons op.

Heeft u een vraag of wilt u ons iets melden? Kijk bij de veel gestelde vragen of stuur ons een bericht