Adopteer een monument

Herdachte groepen: Militairen in dienst van het Ned. Kon. na 1945
Ontwerper: Dick van Wijk, Wijnand Thönissen
Onthulling: 24 oktober 2003
Adopteer dit monument.

Roermond, Nationaal Monument voor Vredesoperaties (foto: Renske Krimp/ Nationaal Comité 4 en 5 mei. CC BY 3.0)
Roermond, Nationaal Monument voor Vredesoperaties (foto: Janita Sassen)
Roermond, Nationaal Monument voor Vredesoperaties (Janita Sassen)
Roermond, Nationaal Monument voor Vredesoperaties (Janita Sassen)
Roermond, Nationaal Monument voor Vredesoperaties (Janita Sassen)
Roermond, Nationaal Monument voor Vredesoperaties (Janita Sassen)
Roermond, Nationaal Monument voor Vredesoperaties (foto: gemeente Roermond)
Onthulling, 24 oktober 2003 (foto: gemeente Roermond)
Roermond, Nationaal Monument voor Vredesoperaties (foto: Rob Visser)
Roermond, Nationaal Monument voor Vredesoperaties (foto: Rob Visser)
Roermond, Nationaal Monument voor Vredesoperaties (foto: Ed van der Meulen)
Roermond, Nationaal Monument voor Vredesoperaties (foto: Renske Krimp/ Nationaal Comité 4 en 5 mei. CC BY 3.0)
Roermond, Nationaal Monument voor Vredesoperaties (Janita Sassen)
Roermond, Nationaal Monument voor Vredesoperaties (foto: Rob Visser)
Roermond, Nationaal Monument voor Vredesoperaties (foto: Renske Krimp/ Nationaal Comité 4 en 5 mei. CC BY 3.0)
Roermond, Nationaal Monument voor Vredesoperaties (foto: Rob Visser)
Roermond, Nationaal Monument voor Vredesoperaties (foto: Rob Visser)
Roermond, Nationaal Monument voor Vredesoperaties (Janita Sassen)
Roermond, Nationaal Monument voor Vredesoperaties (foto: Rob Visser)

Het monument

Vorm en materiaal
Het Nationaal Monument voor Vredesoperaties in Roermond is een beeld van brons en roestvrijstaal. Op een globe zetelt een bronzen vrouwenfiguur (Irene, godin van de vrede) met in haar handen een toorts met de 'eeuwige vlam'. Tegenover de vrouwenfiguur zit een feniks. De globe is geplaatst op een driehoekige sokkel in het water. Onder de sokkel zorgt een waterstraal voor een optisch effect. Het geheel lijkt hiermee boven het wateroppervlak te zweven. Het gedenkteken wordt vanaf de bodem belicht met schijnwerpers.

Vanaf de wal wijst een puntvormig plateau naar de globe in het water. Hierop zijn, deels in het water, stenen tafels met plaquettes aangebracht. Aan de rand van het plateau zijn in V-vorm zes 'vredeswachters' aangebracht. Eén van hen verbeeldt de gevallen krijger. Het plateau in hun midden is voorzien van een driehoekig zuiltje, waarin het Draaginsigne Veteranen in het brons is verwerkt. Alle onderdelen zijn bewerkt met een combinatie van kopernitraat en zwavelzuur. Hierdoor is een zwart-bruin-groen patina ontstaan. Als laatste bewerking is het geheel afgedekt met een soort boenwas om te voorkomen dat weersinvloeden het materiaal aantasten.

Teksten
Het opschrift op het gedenkteken luidt:

'IN DIENST VAN DE VREDE.'

De plaquettes bevatten de namen van de 194 militairen die sinds het begin van de Korea-oorlog in dienst van de Verenigde Naties zijn gesneuveld tijdens of als gevolg van vredesoperaties. Download hier een document met de namen: De namenlijst.

Eén plaquette memoreert militairen die zelfmoord pleegden, omdat zij na hun uitzending in geestelijke nood geraakt zijn:

'VOOR HEN
DIE DOOR HET WERKEN AAN VREDE
GEKWETST RAAKTEN
EN UIT RESPECT VOOR DIEGENEN
VOOR WIE DEZE LAST TE ZWAAR WERD.'

Symboliek
Bij het ontwerpen van het monument zijn de kunstenaars Dick van Wijk en Wijnand Thönissen uitgegaan van de symbolische betekenis van het begrip vrede. Buitendien wilden zij een evenwicht creëren tussen het vredesmonument en het Nationaal Indië Monument (dat zij vijftien jaar geleden ontwierpen en dat ook in het Stadspark Hattem staat). Dat evenwicht is onder andere bereikt door de vormgeving en de combinatie van brons en roestvrijstaal.

Thönissen: 'In de historische iconografie is Irene de personificatie van de vrede. In het vredesmonument 'zetelt' zij in een globe, weergegeven door meridianen en de evenaar, die de wereldomvattende taak van de Verenigde Naties symboliseert. Irene heeft een toorts in haar hand, met de eeuwige vlam als teken van waakzaamheid. Tegenover Irene zit de feniks, de mythologische vogel die uit de as herrijst, symbool van de eeuwigheid, het leven en de brenger van een nieuwe vrederijke periode. [...] Aan de rand van het plateau komen in V-vorm zes 'vredeswachters'. En dat heeft weer te maken met de vorm van het nieuwe draaginsigne veteranen, de letter V min of meer in een driehoek gestyleerd en symbolisch gevormd door twee zwaarden. De wachter dragen schilden die verwijzen naar de beschermende functie van de zes figuren tegen negatieve invloeden. Symbolisch doel is het waarborgen van de rechten van de mens.' Het plateau op de wal dient als plaats van bezinning en stilte.

De beide ontwerpers hebben bewust gekozen voor het benadrukken van het vredesaspect. Van Wijk: 'Wij hadden met ons ontwerp ook de nadruk kunnen leggen op krijgshandelingen, maar we hadden allebei het gevoel om dat niet te doen. Dat realisme is in het verleden vaak gebruikt, maar dit moest een andere uitstraling hebben.' Thönissen: 'Irene, godin van de vrede, dat zegt genoeg. En de wachters daar omheen die haar beschermen, dat is duidelijk. Een van hen valt, ja. Dat is inderdaad om te symboliseren dat er ook militairen sneuvelen tijdens vredesoperaties.'

Locatie niet correct? Geef een verbeterde locatie door.

De geschiedenis

Het Nationaal Monument voor Vredesoperaties in Roermond is opgericht ter nagedachtenis aan de tot nu toe 161 Nederlandse strijdkrachten die sinds het begin van de Korea-oorlog in dienst van de Verenigde Naties zijn omgekomen tijdens of als gevolg van vredesoperaties. Nederland heeft sinds 1950 meer dan 50.000 militairen uitgezonden naar crisisgebieden over de hele wereld.

De namen van de 161 slachtoffers luiden:

B.R.T. Alsemgeest, C.K. van den Anker, A.A. van Balkom, T. Bajema, J.W. Bandison, G.J. van Barneveld, C. Bastiaans, J. van den Berg, J.T. van den Berg, A. Berghuis, M.G. von Beyerinck, B. de Blaey, P.J. Boerrigter, S. Boonstra, R.M.H. Bos, N. Bot, T.L. Boukema, S.A. Breeman, J.P. Breeuwer, S. van Breukelen, J. Broere, F. Brouwer, H. Cleffken, C.P. Crijns, J. Daling, T. Deegmuller, H.J. van Dijk, W. van Dijk, A. Dissel, L. van Doremalen, H. Douna, J. le Duc, J. Duinmayer, H. Eijkenboom, J.M. ter Ellen, J.A. van Extel, F.W. Fama, J. Flak, N. Geesdorp, J.W. Gorel, J.L. Gorlee, L.M.J.M. Grasso, K. Groeneveld, K. Groot, A.A.W. Groothedde, J.G.H. Gunning, T.J. den Haan, M.J. Hampel, M.P.F. van Haren, C.J.M. van der Heijdt, R.M. Heijmans, T.J. Heugen, H.P. Hoekstra, J.H. Hoiting, B. Hoop, A.H. van den Hoorn, E. van der Horst, F. van der Horst, D.A.C. Jansen, C. Jongenelen, R.G. Jonker, B.J.T. Kamevaar, J. te Kamp, E. Keller, C.P. Kempen, L.C. Kemper, J. Kerssies, J.F. Ketting Olivier, G.H.A.M. Klaassen, H.C.J.A. Kluft, J.M. Knaap, J.H.L. van Kollenburg, Ph.W. de Koning, A.C. Krijgsman, P.G. Kruit, W. van der Kuy, C.H. Kuyer, F.M. Lamberti, T.J. Leenders, C.T. Lemson, J. Lenaerts, C.D. van der Linden, M.H.A. Lodders.

G.O. van Maarseveen, W. Mandike, W.J.L.M. Martens, O.P. Maurer, E. Mensink, W. Mol, J. Moonen, J. Mulder, G. Nagel, J.A. Nekeman, G.A.C. Nieuwenhuis, F. Nieuman, P.J.M. van Nijnatten, M.P.A. den Ouden, J.P. van Ostaden, H. Pakker, R.F. Parijs, D.A. Perdigoa, P.E. Phaff, W. van der Plas, H.R. Radstaat, R. van Renssen, H. Roetert, E. Ronkes, B.A. Roo, A. Roskam, P. van Rossum, L.C.M. Ruck, K. van Rijn, J. Rijs, R. Samuels, M.H. Rijshouwer, J.E. Schaapman, A.A. Schilders, A.A. Schoemaker, M. Schuringa, J.A. Schut, T.A.B.F. Seebregts, H.G. Seedorf, J.H.M. Severs, P.B. Slager, W.F.M. van der Sman, P.K. Smit, C.J.A. van der Snepscheut, W.B.F. Sonnemans, J.H. Sour, J. van Steenis, M.D. Steensma, R. Stook, H.J.H. Suidman, A. Talens, A.W. Tessensohn, G. Teunissen, H.J. Timens, A.G. Timmermans, J.J. Timmermans, J.A. Tober, C.F. Toerink, H.A.A.M. Toré, C.H. Trebels, A.J. Twisterling, H. Veenendaal, J.W. Verbon, J. Verhey, A. van Vlaanderen, C. van Vliet, J. Voogt, J.H. Vreeswijk, L.J. van Vriesland, H.H. Wagenaar, B. van der Wal, C.P. Wardenburg, J. Westendorp, R.P. Wind, R.B. de Wolf, M. Zijp, C.M.J. Zoutzeling, en J.J. Zwart.

Sinds de Korea-oorlog zijn bij een groot aantal vredesoperaties Nederlandse militairen ingezet. Hierbij waren alle krijgsmachtdelen, dus de marine, landmacht, luchtmacht en marechaussee betrokken. In enkele gevallen gaat het overigens om een inzet die nog steeds doorloopt. Zo zijn Nederlandse militairen sinds het begin van de jaren negentig actief in voormalig Joegoslavië, maar zijn de namen van de verschillende operaties en de aantallen betrokken militairen in de loop der jaren veranderd. Op de website van het ministerie van Defensie staat de achtergrond van de vredesoperaties omschreven.

Onderstaand een overzicht van de afgeronde vredesoperaties tot 2008. Een overzicht van de actuele missies staat op de website van het ministerie van Defensie.

  • 2006-2008: Libanon: Maritime Task Force UNIFIL;
  • 2005-2006: Atjeh: Aceh Monitor Mission (AMM);
  • 2004: Liberia: United Nations Mission in Liberia (UNMIL);
  • 2002: Macedonië: Task Force Fox;
  • 2001: Eritrea/Ethiopië: UNMEE;
  • 2001: Djibouti: Apache-detachement;
  • 2001: Macedonië: Essential Harvest, Task Force Harvest;
  • 1999-heden: v/m Joegoslavië: Kosovo Force (KFOR) - Joint Guardian;
  • 1999: Albanië: Operatie Allied Harbo;
  • 1999: v/m Joegoslavië: Operatie Allied Force;
  • 1998-1999: Macedonië: Extraction Force - Joint Guarantor;
  • 1998-2001: Cyprus: United Nations Force in Cyprus (UNFICYP);
  • 1997-2001: Albanië: Multinational Advisory Police Element (MAPE);
  • 1996-heden: v/m Joegoslavië: United Nations Mission in Bosnia and Herzegovina (UNMIBH);
  • 1995-1996: Israël/Syrië: United Nations Disengagement Observer Force (UNDOF);
  • 1995: v/m Joegoslavië: Operatie Deliberate Force;
  • 1994-1996: v/m Joegoslavië: Task Force Mostar (WEU);
  • 1994-1996: v/m Joegoslavië: International Conference on Former Yugoslavia (ICFY);
  • 1994-1996: Georgië: CVSE/OVSE;
  • 1993-1996: Haïti: United Nations Mission in Haïti (UNMIH);
  • 1993-1996: v/m Joegoslavië: Operatie Sharp Guard;
  • 1993-1996: v/m Joegoslavië: Operatie Deny Flight;
  • 1993-1994: Rwanda: (UNOMUR, UNAMIR, Provide Care);
  • 1993-1995: Mozambique: United Nations Operation in Mozambique (UNOMOZ);
  • 1993: Zuid Afrika: United Nations Observer Mission in South Africa (UNOMSA);
  • 1992-2000: Cambodja: UNAMIC, UNTAC, CMAC, UNDP;
  • 1992-1995: v/m Joegoslavië: United Nations Protection Force (UNPROFOR);
  • 1991-1999: Angola: UNAVEM, CMATS, UNOPS;
  • 1991-1998: Irak: United nations Special Commission (UNSCOM);
  • 1991: Irak: Operatie Provide Comfort;
  • 1990-1991: Irak/Koeweit: Tweede Golfoorlog;
  • 1989-1990: Namibië: United Nations Transition Assistance Group (UNTAG);
  • 1987-1989: Irak/Iran: Eerste Golfoorlog;
  • 1982-1995: Sinaï: Multinational Force and Observers (MFO);
  • 1979-1985: Libanon: U.N. Interim Force in Lebanon (UNIFIL);
  • 1965-1966: India/Pakistan: United Nations Observation Mission (UNIPOM);
  • 1963-1964: Jemen: United Nations Yemen Observation Mission (UNYOM);
  • 1960-1963: Kongo: United Nations Operation in the Congo (UNOC);
  • 1958: Libanon: United Nations Observer Group in Lebanon (UNOGIL);
  • 1956-heden: Midden-Oosten: United Nations Truce Supervision Organization (UNTSO);
  • 1956: Israël/Egypte: First United Nations Emergency Force (UNEF-I);
  • 1950-1955: Korea: Nederlands VN-Detachement Kor.

De locatie van het monument is ingegeven door de wens een brug te slaan tussen jonge en oude veteranen. Zo kan de nagedachtenis aan in het verleden omgekomen militairen levend worden gehouden bij de jongere generaties en kunnen het begrip en het respect voor jonge veteranen worden bevorderd. Daarmee is het Stadpark Hattem te Roermond uitgegroeid tot een heus Veteranenpark.

Oprichting
De oprichting van het gedenkteken was een initiatief van het ministerie van Defensie.

Onthulling
Het monument is onthuld op 24 oktober 2003 door de staatssecretaris van Defensie, de heer Cees van der Knaap, mevrouw Van Rijn, die haar zoon (Unifiller Kees van Rijn) verloor in Libanon, en René Dekker, een veteraan die in Srebrenica diende. De dag van de onthulling verwijst naar de officiële datum van oprichting van de Verenigde Naties in 1945 ('United Nations Day'). Voorafgaande aan de onthulling hielden alle drie een toespraak waarin ze te kennen gaven blij te zijn met het lang verwachte monument. Na de onthulling ontvlamde de toorts in de handen van de godin Irene.

Mevrouw Van Rijn beschreef in haar toespraak namens de nabestaanden het verdriet over het verlies van haar 19-jarige zoon Kees, die in Libanon om het leven kwam. In een emotioneel betoog vertelde zij onder meer hoe zij het slechte nieuws hoorde en daarop reageerde: 'Een week voor zijn thuiskomst, zondagavond om zeven uur staat er een militair met een ernstig gezicht voor de deur. Hij is zenuwachtig en vertelt ons dat Kees tijdens zijn dienst is omgekomen. Wat er op dat moment door je heen gaat, is niet te beschrijven. Je eerste reactie is ontkennen. Nee, dit is niet waar, dit kan niet, dit mag niet waar zijn. Dit ongenuanceerd ontkennen gaat bij vlagen nog een tijdje door. Het lijkt een nare droom. Na enige tijd dringt langzaam het besef tot je door: dit is geen droom, hoe verschrikkelijk het ook is.'

Om te illustreren dat ook Libanon geen vakantie was, citeerde mevrouw Van Rijn enkele fragmenten uit de brieven van haar zoon. Daaruit bleek dat hij en zijn kameraden stelselmatig onder vuur lagen. Mevrouw Van Rijn: 'Er blijkt uit dat het leven voor hen lang niet zo makkelijk was als de foto's aan buitenstaanders doen geloven. Men vergeet dan dat deze foto's gemaakt worden als men vrij is van dienst en niet als het er erg om spant.'

Zelf had zij veel troost ondervonden bij de foto's die op speciaal verzoek van haar zoon waren gemaakt, vlak voor hij naar Libanon vertrok. Mevrouw Van Rijn: 'De foto waar Kees alleen op staat heb ik op mijn nachtkastje staan. Als ik het dan moeilijk heb, praat ik tegen hem en vertel hem hoe lief en spontaan we hem vonden en hoe zielsveel we van hem hielden en dat we hem nog altijd vreselijk missen. En 's avonds voor het slapen gaan, geef ik hem een kus. Dan denk ik aan al die andere nabestaanden die ook een zoon, broer, man of vriend verloren hebben. Want ook zij kennen het verdriet dat je hele leven verandert.'

De betekenis van het gedenkteken verwoordde mevrouw Van Rijn als volgt: 'Het monument waar wij nu samenzijn, geeft ons ook het gevoel dat onze dierbaren niet alleen in onze herinnering voortleven, maar ook door de samenleving niet vergeten worden. We moeten allen die aan vredemissies deelgenomen hebben, zeer erkentelijk zijn. Want wij spraken alleen maar over vrede, terwijl zij daadwerkelijk iets voor de vrede gedaan hebben. Als burgers in een oorlogsgebied een zekere mate van veiligheid kunnen voelen door de aanwezigheid van onze militairen, dan geeft dat een goed gevoel. Het betekent dat deze missies zinvol zijn en dat onze militairen niet voor niets gestorven zijn.'

Ook staatssecretaris Cees van der Knaap ging in op het belang van het monument: 'Vandaag zijn wij bijeengekomen om met u die offers te gedenken, om stil te staan bij de gevolgen van deelname aan vredesoperaties, maar vooral om onze gevallen militairen te herdenken. Met de onthulling van het monument voor vredesoperaties willen wij uitdrukking geven aan de bijzondere plaats die ook deze veteranen verdienen in de Nederlandse geschiedenis. Met dit gedenkteken doen zij - regering en samenleving - recht aan hun inspanningen. Het monument is daarom zowel een gedenkteken als ook een teken van erkenning.

De staatssecretaris verwees naar de strijd voor erkenning van Indië-veteranen: 'De veteranen van toen hebben tientallen jaren de waardering en erkenning moeten ontberen voor hun inzet en voor de offers die zij in Nederlandse dienst hebben gebracht. Met grote vasthoudendheid hebben de Indië-veteranen in de jaren zeventig en tachtig die waardering en erkenning stap voor stap bevochten. Met de onthulling van het Nationaal Indië Monument in 1988 op deze plek, werd hun alsnog een langverwacht en zeer verdiend eresaluut gebracht.'

Dat het monument voor slachtoffers van vredesoperaties sinds 1950 in datzelfde park Hattem is opgericht, is dan ook geen toeval: 'Met de keuze voor deze plek, op een steenworp afstand van het Indië-monument, wordt bovendien een brug geslagen met eerdere generaties veteranen. Naast duidelijke verschillen in achtergrond en ervaringen van oude en jonge veteranen, zijn er ook belangrijke overeenkomsten. Zo is er de gemeenschappelijke behoefte aan maatschappelijke erkenning en waardering voor hun inzet en voor de gebrachte offers in Nederlandse dienst. Daarnaast is er de niet altijd onderkende behoefte aan goede zorg en contacten met lotgenoten. Bij een deel van onze veteranen blijft die behoefte bestaan, soms nog vele jaren ná de uitzending. Veteranen, van welke generatie of missie ook, moeten dan ook kunnen blijven rekenen op onze zorgverlening. Dit bijzondere monument voor vredesoperaties dient echter bovenal de nagedachtenis in ere te houden van hen die niet zijn teruggekeerd. Zij hebben het grootst denkbare offer gebracht voor de internationale vrede en veiligheid.'

Srebrenica-veteraan René Dekker had ook al naar het Indië-monument verwezen: 'Nu is daar na die gevoelsmatig altijd te lange weg een monument bijgekomen. Voor een andere generatie veteranen en een andere generatie slachtoffers. Zoals wij hier staan, past ons dankbaarheid en respect voor hun inzet, voor wat zij gedaan hebben en wat zij voor ons persoonlijk hebben betekend. Beide monumenten zijn het resultaat van een inhaalslag van Defensie en eigenlijk van de Nederlandse samenleving in het algemeen. Het is een mooi samengaan van oud en jong, oorlog en vrede, herdenken en erkennen.'

Locatie
Het monument is geplaatst in de vijver van het Stadspark Hattem, direct naast het Nationaal Indië Monument. Het park is gelegen aan de Maastrichterweg te Roermond.

Bronnen

  • Rubriek 'Monumentaal' van het tijdschrift Checkpoint van november en december 2003;
  • Tijdschrift De Kareoler, 63e jaargang nr. 1, april 2003 (Bond van Nederlandse Militaire Oorlogs- en Dienstslachtoffers (B.N.M.O.);
  • Brochure Van Stichting Overkwartier tot Veteranenpark, uitgegeven door de Stichting Veteraneninstituut (Doorn, 2003);
  • www.roermond.nl
  • www.mindef.nl

Herdenking aanmelden

Op 4 mei vindt de Nationale Herdenking plaats en wordt er in heel Nederland herdacht. Daarnaast zijn er door het jaar heen herdenkingen waar specifieke groepen slachtoffers of bijzondere gebeurtenissen worden herdacht, zoals de Indiëherdenking op 15 augustus en de Nationale Holocaust Herdenking (laatste zondag van januari).
Wij brengen al deze herdenkingen onder in de herdenkingskalender. Alle herdenkingen van de Tweede Wereldoorlog en oorlogssituaties en vredesoperaties daarna in Nederland kunt u aanmelden.
Er is nog geen herdenking bij dit monument aangemeld. Dat kunt u hier doen.

Het is een vredesmissie, mam

Elly en Wim van Rijn, Roermond - Limburg

Een week later zou hij met verlof naar Nederland komen. Maar hij komt bij een auto-ongeluk om het leven. Kees van Rijn (1960) is in 1979 de eerste van negen Nederlandse slachtoffers van de vredesmissie in Libanon. Hoe ga je als ouders en jongere broer om met zo’n verlies? “Mensen die Kees gekend heeft zijn vrienden geworden. Zij geven ons het gevoel dat hij niet vergeten is.” En in een toespraak bij de onthulling van het Nationale Monument voor Vredesoperaties in Roermond zegt de moeder van Kees: "Wij spráken alleen over vrede, terwijl de jongens in de vredesmissies daadwerkelijk iets voor die vrede hebben gedaan."

door Anita van Stel

Nationaal Monument voor Vredesmissies
Elly: "We hoorden van de oprichting van het Nationaal Monument voor Vredesoperaties in Roermond. Het herinnert aan de Nederlandse militairen die sinds het begin van de Korea-oorlog in dienst van de Verenigde Naties zijn omgekomen tijdens of als gevolg van vredesoperaties. We werden benaderd om de onthulling te doen, in 2003, samen met een veteraan uit Srebrenica. Ik vind het belangrijk dat de namen van mijn zoon Kees en alle andere slachtoffers bij vredesmissies voortleven. Zij hebben zich daadwerkelijk ingezet voor de vrede. Als burgers in een oorlogsgebied door hen een zekere mate van veiligheid kunnen voelen, zijn de missies zinvol en onze militairen niet voor niets gestorven."

'Ach, we lopen risico'
Elly: "Kees was een gezellig, open joch met veel vrienden. Vóórdat hij naar Libanon vertrok, drong hij erop aan nog een paar foto's van hem en ons vieren te maken. 'Dan hebben jullie die altijd als herinnering', zei hij. Wij vonden dat een naar idee. Als er wat met hem zou gebeuren, was zijn spaargeld voor zijn broer. Het afscheid in de kazerne van Zuid-Laren was heel moeilijk. Je ziet die jongens en hoopt dat ze allemaal weer heelhuids thuiskomen. Ik sta niet afwijzend tegenover vredesmissies, maar je weet niet of ze inzien welke gevaren ze tegemoet gaan." Wim: "Kees zat oorspronkelijk op verbindingen in Ede, later in Havelte. De groep die naar Libanon ging, bestond uit jongens die overal vandaan kwamen. Ze kregen in Zuid-Laren een gedegen opleiding en waren voor zover mogelijk goed voorbereid. Die jongens denken allemaal 'ach, we lopen risico, maar het zal mij wel voorbijgaan'."

Brieven
Elly: "We kregen veel brieven. Kees had het naar zijn zin en zat in het hoofdkwartier in Haris op een relatief veilige plek, waar weinig van de oorlog te merken was. Hij had geen heimwee. Maar in zijn brieven is ook te lezen dat het leven in Libanon lang niet zo gemakkelijk was als voor een buitenstaander leek. De foto's die de jongens naar huis stuurden, werden immers vaak niet genomen als het erom spande. In zijn laatste brief schrijft Kees: 'Er gebeurt hier niet zo veel de laatste tijd. Ik kom over veertien dagen thuis. Willen jullie vast een tafel in het restaurant bespreken'."

Met golven
Elly: "Op zondagavond stond er een hoge militair aan de deur. Hij was enorm zenuwachtig. Wat er dan door je heengaat, is niet te beschrijven. Met golven dringt de afschuwelijke waarheid tot je door." Wim: "Hij vertelde dat Kees in een auto zat die in een ravijn was gereden. Hij was uit de auto gevallen en had de wagen bovenop zich gekregen."

Het ging fout
Elly: "Omdat Kees op het hoofdkwartier zat als verbindingsman, maakte hij niet veel mee. Hij was vrij van dienst en bezig met een potje volleybal. Een bevoorradingswagen vertrok naar de buitenposten. Omdat hij ook weer eens naar buiten wilde, is hij met ze meegegaan. Ze waren met zijn drieën. Kees ging naast de bestuurder zitten, een andere jongen in de laadbak. Door de regen was het glad. De chauffeur riep op een gegeven moment dat het fout ging. De auto stortte vijf meter naar beneden het ravijn in. De jongen sprong uit de laadbak, terwijl Kees over de chauffeur naar buiten viel. De chauffeur kon uit de cabine klimmen en is weggerend. Hij was helemaal van de kaart."

In Loenen
Elly: "Na ongeveer een week kwam het gebalsemde lichaam van Kees aan. Hij is eerst begraven in Hillegom, waar wij woonden. Het was een indrukwekkende begrafenis. Er waren veel mensen, ook jongens uit Libanon die met verlof waren. Van Defensie hebben we veel medeleven, zorg en hartelijkheid gekregen, overigens ook nu nog. Later is Kees herbegraven op de erebegraafplaats in Loenen. Wij gaan daar op zijn verjaardag en op 4 mei altijd heen."

Gewoon pech
Wim: "De negen slachtoffers in Libanon zijn allemaal gevallen door domme ongelukken. Dikwijls gewoon pech. Een sergeant kwam om het leven doordat zijn auto op een mijn reed. Een luitenant raakte bij een schietincident zodanig verwond dat hij verlamd raakte en een jaar of zes, zeven geleden overleed. Kees schreef regelmatig dat er niks gebeurde en dat hij veilig zat. Ooit was er bij toeval een schot gevallen dat niets met de oorlog te maken had. Zo vaak mogelijk ging hij mee naar de pelotons in het veld, om de dagelijkse sleur te doorbreken. Hij was gekozen tot vertegenwoordiger van de jongens en wilde overal bij zijn. Soms denk je 'had hij maar in die laadbak gezeten'."

Je hele leven verandert
Elly: "Dan waren anderen met het verdriet opgezadeld. Verdriet dat toch je hele leven verandert. Sommigen die bij ongevallen of schietincidenten betrokken waren, lopen - volgens mij ten onrechte - nog altijd met schuldgevoelens rond. Voor veel jongens zag de wereld er bij terugkomst uit Libanon heel anders uit en raakten psychisch in de knoop. De chauffeur van de truck heeft het nog jaren heel moeilijk gehad. Gelukkig is hij nu in betere doen. Wij zijn in 2004 op de plaats van het ongeluk wezen kijken. Ik had me de omgeving heel anders voorgesteld. Het was maar één kilometer van Kees' standplaats in Haris."

De namen
Elly: "Op reünies en herdenkingen is het voor ons het moeilijkst als ze de namen gaan noemen. 'Daar ga je weer', denk ik dan. Het went nooit. Dat iemand van negentien jaar eerder doodgaat dan jezelf, voelt zo verschrikkelijk onrechtvaardig. We koesteren de contacten met mensen die Kees gekend hebben. Sommigen zijn vrienden geworden en komen bij ons thuis. Ze zijn belangrijk, want ze geven ons het gevoel dat hij niet vergeten is."

Rozen
Wim: "Kees' naam staat op diverse plaquettes op monumenten. Zelfs op twee in Libanon. Van het monument in Saïda waren de letters een beetje vervaagd. Onze begeleider kaartte dit bij de burgemeester van het dorp aan. De volgende dag waren ze meteen met zwarte verf aan de slag. De Nederlandse militairen hebben in Libanon een goede reputatie. We kregen thee van Libanese mensen en moesten fotoboeken bekijken. Een man had voor de Nederlanders gewerkt en trok meteen zijn oude kaki uniform aan. Er was een tearoom vlakbij de plek van het ongeluk. De vriendelijke eigenaar ging met ons mee. Hij had rozen meegenomen."

Het is een vredesmissie, mam

Persoonlijke bijdragen van onze bezoekers

Heeft u een persoonlijk verhaal met betrekking tot dit monument en/of de geschiedenis waarnaar deze verwijst? Deel uw verhaal hier en help ons de herinnering aan de Tweede Wereldoorlog levend te houden.

Let op: wilt u een wijziging voor deze monumentpagina (bijvoorbeeld een correctie of aanvulling) doorgeven? Neem dan contact met ons op.

Heeft u een vraag of wilt u ons iets melden? Kijk bij de veel gestelde vragen of stuur ons een bericht