4meiOverlay

Sam Kragtwijk


Klaprozen  

Zout, zeelucht snijdt langs de verlaten stad,
Waar platgestampte klaprozen met bruine modder zijn besmeurd.

Het hart verscholen middenin is gevangen en verkleurd, door de tijd verdwenen,

Terwijl wij zweven door de lucht en niet diezelfde klaprozen kunnen ruiken.

Vergif door blauwe wateren langs donkere huizen,
Zijn nu druppels tikkend op ons geweten.

Luchtvliegers in het nu, een lichte zoute smaak,
Klaprozen in de wind, een kloppend hart, vergif

Nu hier geweten stillend, klopt het hart van toen.
Om nieuwe klaprozen aan het land te wortelen.