4meiOverlay

Tijdlijn 4 en 5 mei


4 en 5 mei zijn vanaf het einde van de Tweede Wereldoorlog continu in ontwikkeling. Hieronder wordt de ontwikkeling van deze nationale ijkpunten geschetst.

Tijdlijn 4 en 5 mei

Tijdlijn 4 mei

Al sinds 1947 herdenkt Nederland op 4 mei tijdens de Nationale Herdenking zijn oorlogsslachtoffers. Tot 1988 verschilden de organisatoren, de plaatsen en tijdstippen waarop herdacht werd en wie herdacht werden. De instelling van het Nationaal Comité 4 en 5 mei in 1987 leidde tot een grotere gezamenlijkheid en eenheid van de Nationale Herdenking. Hieronder zijn de belangrijkste veranderingen weergegeven. 

1945

  • 30 augustus: eerste plaatselijke herdenkingen van het voormalig verzet met stille tochten naar plaatsen waar mensen tijdens de Tweede Wereldoorlog gefusilleerd zijn, zoals op de Waalsdorpervlakte bij Den Haag, in de Kennemerduinen en bij kamp Vught.
  • 31 augustus: nationale gedenkdag met theaterspel op de verjaardag van koningin Wilhelmina in het Olympisch Stadion in Amsterdam. 

1946

  • De ministerraad besluit om de herdenking en de viering van de bevrijding voortaan op 5 mei te combineren. Het voormalig verzet protesteert: het wil eerst herdenken op 4 mei.
  • De regering gaat akkoord met richtlijnen van de particuliere Commissie Nationale Herdenking 1940-1945 voor plaatselijke herdenkingen op 4 mei. Om 19.30 stille tochten, om 20.00 uur twee minuten stilte en vlaggen halfstok tot zonsondergang.

1947-1960

  • De Commissie Nationale Herdenking verspreidt jaarlijks door regering goedgekeurde richtlijnen voor de plaatselijke herdenkingen.
  • 4 mei: de Commissie organiseert ’s middags de Nationale Herdenking met een cultureel karakter in de Ridderzaal voor het corps diplomatique; ’s avonds zijn er plaatselijke herdenkingen.

1956

1960

1961- 1970

  • Herdenking in Ridderzaal vindt voortaan een keer per vijf jaar plaats.

1961

  • De betekenis van 4 mei wordt verbreed. Ook Nederlanders die na 1945 in dienst van het Koninkrijk zijn gevallen, worden herdacht. Dus ook Indië- en Koreaveteranen.
  • 4 mei: de Nationale Herdenking voor alle slachtoffers na 1940 vindt om 16.00 uur plaats op de Dam in Amsterdam. De Commissie Nationale Herdenking organiseert deze samen met de Commissie Nationale Herdenking Militaire Gevallenen. De koningin is aanwezig. Voorafgaand zijn er herdenkingsdiensten in drie Amsterdamse kerken.

1968

  • De regering besluit dat de herdenking altijd op 4 mei plaatsvindt, ongeacht de dag van de week.

1973

  • Fusies Commissies tot Comité Nationale Herdenking; afschaffing herdenking in de Ridderzaal.

1974

  • Scouts krijgen een rol bij kranslegging tijdens de Nationale Herdenking op de Dam.

1986

  • Minister-president Lubbers dringt aan op een fusie van de twee afzonderlijke nationale comités voor 4 en 5 mei.

1987

  • Koninklijk Besluit tot instelling Nationaal Comité 4 en 5 mei, met leden op persoonlijke titel.

1988

  • De Nationale Herdenking op de Dam vindt voortaan plaats om 20.00 uur net als de plaatselijke herdenkingen.
  • Voorafgaand aan de herdenkingsplechtigheid op de Dam vindt een herdenkingsbijeenkomst plaats in De Nieuwe Kerk.

1992

  • Eerste literaire 4 mei-voordracht in De Nieuwe Kerk door Harry Mulisch. 

2000

  • Nieuwe opzet van de Nationale Herdenking. De volgorde van de kranslegging verandert. Oorlogsslachtoffers leggen direct na de koningin kransen. Autoriteiten volgen daarna. Bovendien wordt het aantal kransen beperkt.

2007

  • De erecouloir wordt uitgebreid met veteranen van recente missies.

2011

  • Vervolgingsslachtoffers worden duidelijker benoemd in het memorandum door toevoeging van de term ‘vermoord’.

2012 

  • Discussie over wie herdacht worden op 4 mei naar aanleiding van keuze van Nationaal Comité voor het gedicht Foute keuze als programmaonderdeel van de herdenkingsplechtigheid op de Dam. Het gedicht wordt uiteindelijk niet voorgelezen.

2016

  • Vernieuwing Nationale Herdenking: persoonlijke verhalen krijgen meer nadruk.

Tijdlijn 5 mei

De Nationale Viering van de Bevrijding vindt sinds 1947 op 5 mei plaats. In 1958 besluit de regering Bevrijdingsdag voortaan eens in de vijf jaar nationaal te vieren. Vanaf 1980 groeit de belangstelling:  de bevrijding wordt weer jaarlijks gevierd. 5 mei is niet voor iedereen een vrije dag. Het Nationaal Comité 4 en 5 mei heeft de invulling van 5 mei vaster vorm gegeven. Hieronder vindt u de ontwikkelingen van 5 mei in grote lijnen geschetst. 

1945

  • 31 augustus: nationale gedenkdag met theaterspel op de verjaardag van koningin Wilhelmina in het Olympisch Stadion in Amsterdam.

1946

  • 16 januari: de ministerraad besluit dat de viering van de bevrijding voortaan op 5 mei is, zonder daarvan een vrije dag te maken.
  • 4 mei: viering van de bevrijding in het Olympisch Stadion in Amsterdam, omdat 5 mei op zondag valt.

1948         

  • Overheidspersoneel krijgt op 5 mei om 16.00 uur vrij.

1949

  • Overheidspersoneel krijgt op 5 mei een halve dag vrij.

1955

  • De regering stelt het Nationaal Comité Viering Bevrijdingsdag 5 mei 1955 in dat landelijke richtlijnen voor het programma opstelt.
  • De eerste militaire herdenking van de bevrijding wordt op 5 mei in Wageningen gehouden.    

1958

  • De regering besluit dat 5 mei jaarlijks alleen met vlaggen en een programma voor de schooljeugd wordt gevierd. Alleen in lustrumjaren geldt 5 mei als Nationale Bevrijdingsdag en hebben ambtenaren een vrije dag.

1960-1980

  • De nationale viering van de bevrijding vindt eens in de vijf jaar plaats.

1975

  • Eerste 5 mei-viering met speciale aandacht voor Joodse, Indische en communistische oorlogsslachtoffers na invoering uitkeringswetten.

1980

  • De regering besluit tot oprichting van het Comité Nationale Viering Bevrijding dat jaarlijks een manifestatie in een andere provinciehoofdstad organiseert.
  • Eerste Bevrijdingsfestival in Haarlem onder de titel ‘Bevrijdingspop’.

1982

  • 5 mei wordt bij Koninklijk Besluit aangewezen als jaarlijkse bevrijdingsdag en daarmee als erkende feestdag.

1985

  • 5 mei: lustrumviering bevrijding in Rotterdam met geallieerden.
  • De bondskanselier van West-Duitsland is aanwezig bij de opening van een tentoonstelling over het verzet.

1986

  • Minister-president Lubbers dringt aan op een fusie van de twee afzonderlijke nationale comités voor 4 en 5 mei.

1987

  • Koninklijk Besluit tot instelling Nationaal Comité 4 en 5 mei, met leden op persoonlijke titel.

1988-1994

  • De Nationale Viering van de Bevrijding heeft een thematisch programma en vindt plaats in Amsterdam, meestal in Koninklijk Theater Carré.

1990

  • 5 mei krijgt de status van nationale feestdag, maar wordt geen algemene vrije dag.
  • Het Nationaal Comité 4 en 5 mei begint met ondersteuning van Bevrijdingsfestivals in alle provincies.

1995

  • Koningin houdt eerste 5 mei-lezing in de Ridderzaal in Den Haag.
  • Viering van vijftig jaar bevrijding met veel aandacht voor grondrechten en een concert op de Amstel in aanwezigheid van geallieerde veteranen.

1996

  • Nieuwe opzet 5 mei met ochtendbijeenkomst (jaarlijks in een andere provincie) met 5 mei-lezing en het startschot voor Bevrijdingsfestivals. De dag sluit af met een concert op de Amstel in Amsterdam.

 2000

  • Start ontsteken bevrijdingsvuur.

2012

  • Duitse Bondspresident houdt 5 mei-lezing.

2016

  • Vernieuwde opzet ochtendprogramma dat live wordt uitgezonden.