Toespraak Emile Roemer

Kick-off lustrum 80 jaar vrijheid

Beste mensen,

Welkom,
niet in Limburg,
maar wel namens Limburg

Limburg dat dit jaar ‘in opmaat naar 80 jaar vrijheid’
de eer heeft – in Roermond – het startschot te geven voor de nationale 5 – mei viering.

Al is het wellicht toeval dat wij nu aan de beurt zijn,
toepasselijk is het zeker.

De bevrijding van Limburg vormde destijds
immers óók al de opmaat van de bevrijding van Nederland,
als wij op 12 september 1944
als eerste bevrijders mogen verwelkomen.

Bij ons komen ze dan, zoals ik het altijd zeg,

  • over land naar binnen stormen (met in het vizier Aken als eerste te veroveren stad in Duitsland);
  • daarna in Brabant uit de lucht vallen op weg naar de bruggen over onze rivieren;
  • en in Zeeland strijdend over het water van de Schelde.

Op school leren we dan over de bevrijding van Nederland vooral

  • over die ene brug die te ver was;
  • over de afgrijselijke hongerwinter; én
  • over een zuiden dat dan al bevrijd is.

Dat vertelt het nationale verhaal,
maar de lokale organisatoren van 4 en 5 mei hier in de zaal,
zeker die uit het zuiden,
zullen het met me eens zijn dat dit niet klopt,
want het zuiden was niet in ‘een vloek en een zucht’  bevrijd.

Dát is wat ons juist de regionale verhalen vertellen.
Verhalen die vertellen dat elke streek,
zijn eigen bevrijdingsgeschiedenis kent;
zijn eigen tijdspad;
zijn eigen route…

Zeker over Limburg kan ik u vertellen,
dat het in september 1944 nog lang niet klaar was.

Ja, de bevrijders vochten zich op de 12e van die maand voor het eerst het land binnen
bij het Zuid-Limburgse kerkdorpje Mesch;
wisten binnen een paar dagen Maastricht als eerste Nederlandse stad te ontzetten;
en gaven ook het Heuvelland vrij snel zijn vrijheid terug;
maar daarna stokte het…

Bijna zes maanden – tot 3 maart 1945 – moest het toen nog duren,
voordat in heel Limburg de vlag uit kon.
Zes lange maanden waarin voor vele Limburgers,
de bevrijding vele malen zwaarder was,
dan de bezetting óóit was geweest.

Dát is wat ons de lokale verhalen vertellen.

  • Zoals het verhaal over de 3000 Roermondse mannen die na kerst 1944 vrijwillig uit hun schuilplaats kruipen om zich vrijwillig te melden voor dwangarbeid in Duitsland. Dit nadat 12 andere onderduikende mannen zijn ontdekt onder de vloer van een meisjesschool en meteen ter dood zijn veroordeeld. Onder hen Mathieu Sevenich en Jantje Tobbe die nooit ouder worden dan 16 jaar als ze die tweede kerstdag hun eigen graf moeten graven…
  • Of het verhaal over de gedwongen evacuatie van tienduizenden Limburgers over vijandelijk grondgebied, naar het noorden van het land (naar met name Friesland). Eerst vele kilometers te voet door de sneeuw en dan verder opeengepakt in treinen. Hoe gevaarlijk dat was schreef de 22-jarige Mia Bremers op 9 februari 1945 in haar dagboek: “Ik hoorde vandaag dat de vorige trein óók is beschoten, 16 doden en veel gewonden…”
  • En het verhaal over de zware gevechten in de Roerdriehoek. Waar mensen op de vlucht maar geen veilige plek kunnen vinden. Zoals het gezin van Sef en Catharina Tijssen en hun 7 kinderen in de leeftijd van 4 tot 17 jaar. Hun heil zoekend in het Midden-Limburgse Montfort vinden ze daar de dood in het bevrijdingsbombardement van 22 januari 1945. Samen met nóg 177 andere burgerslachtoffers…

Drie willekeurige verhalen. En dan heb ik het nog niet gehad

  • over al die platgebombardeerde en leeggeplunderde steden en dorpen, Venlo, Roermond, Venray, Gennep, Middelaar…en zo kan ik er nog heel wat opnoemen…
  • over de Slag om de Peel en de Kerkrazzia’s, waarover ook Brabant veel verhalen te vertellen heeft…
  • of over hoe 30 duizend inwoners van Kerkrade door de frontlinie moeten vluchten, maar het staakt het vuren niet voor iedereen lang genoeg duurt om levend bevrijd gebied te halen…

Beste mensen,

Het zijn juist deze regionale, lokale en persoonlijke verhalen, die samen een ´meer eerlijke, betere en meer volledige´ geschiedenis over onze bevrijding vertellen.

Bovendien hebben ze meer zeggingskracht.
Verhalen die zich afspelen in je eigen streek, je eigen buurt, je eigen straat,
met families van mensen die je misschien kent,
stellen je ook zo veel beter in staat,
je te verbinden met het oorlogsleed
elders in de wereld.

  • of dat nu aan de rand van Europa is,
  • in het Midden-Oosten,
  • of in verder van ons bed gelegen conflicten.

En ik weet niet hoe u erover denkt,
maar is het niet juist die verbinding, het inlevingsvermogen en compassie
die we in deze tijd harder dan ooit nodig hebben?
Juist in het besef dat vrijheid niet vanzelfsprekend is,
en niet per definitie eeuwigdurend.
Hoe lang we daar in Nederland – al bijna 80 jaar – al van hebben kunnen genieten.

Beste mensen,

In het Kerkrade dat ik net noemde, staat een vredesmonument met de tekst:

“Opdat we de vrijheid waard blijven, 5 mei 1945”

Dat we de vrijheid waard blijven.
Ik denk dat we onszelf in deze tijd geen betere opdracht kunnen geven.

Waarbij wellicht niet de makkelijkste vraag is: welke vrijheid?
Over welke vrijheid hebben we het dan?

  • De vrijheid waarmee we in 1945 de democratie weer mochten omarmen; en samen de schouders konden zetten onder de wederopbouw?

Maar … in diezelfde vrijheid te weinig oor en oog hadden voor wie bijzonder zwaar hadden geleden. Zoals:
de terugkerende Joden, Roma en Sinti;
de dwangarbeiders;
en later ook wie aankwam uit Indonesië…

  • Of later de vrijheid die jongeren bevochten?

Ook mijn ouders kregen het aan onze keukentafel zwaar te verduren met kinderen die

  • op zondag niet langer naar de kerk wilden; en
  • hun eigen politieke voorkeur wilden ontwikkelen.

Het resultaat van deze tijd was de ontzuiling,
met als keerzijde het verdwijnen van de lijm die mensen horizontaal en verticaal met elkaar verbond.

  • Of hebben we het over de vrijheid van de individualisering die daarop volgde?

Met aan de ene kant de vrijheid om helemaal jezelf te zijn, jezelf te ontplooien én te emanciperen;
maar aan de andere kant een vergaande vrijheid om

  • je eigen werkelijkheid te creëren;
  • vrijuit te schelden en te bedreigen;
  • en juist anderen in hun vrijheid te beperken…

Het vieren van ‘Tachtig jaar vrijheid’ zou
ons de kans én mogelijkheid moeten geven
om als samenleving
op zoek te gaan
naar wélke vrijheid we waard moeten blijven.

Want – en dan haal ik graag de woorden van de Engelse schrijver Somerset Maugham – aan:

‘Een volk dat meer om zijn gemak dan om zijn vrijheid denkt,
zal zijn vrijheid verliezen,
en zijn gemak bovendien.’

Woorden die maken dat ‘het denken over vrijheid’ centraal staat in het Limburgs programma op 5 mei in Roermond. Waarbij ook de vorm moet inspireren om muren te slechten; elkaar in de ogen te kijken; en aan elkaar te spiegelen.

Waarmee we hopen dat dat aanzet
elkaars vrijheid met respect te behandelen.

Een beetje zoals bij ons thuis aan de keukentafel,
waar je van mening mocht verschillen;
stevig mocht debatteren;
maar elkaar wél in zijn of haar waarde liet.

Opdat het ons
ook na (bijna) 80 jaar vrijheid
inderdaad mag lukken
om díe meer dan ooit
waard te blijven.

 


Deze toespraak is op 23 maart 2024 voorgedragen door Emile Roemer, commissaris van de Koning in Limburg, tijdens de kick-off van het lustrum 80 jaar vrijheid in de Jaarbeurs in Utrecht. Foto: Beau Rutten.

Tooltip contents