‘Ik ben er trots op dat ik mee heb kunnen doen’

Dit jaar was oud-beroepsmilitair Loek Middel de oudste spreker tijdens de Nationale Herdenking 15 augustus 1945 bij het Indisch Monument in Den Haag. Een terugblik.

Het was een indrukwekkende toespraak die Loek Middel (96) hield tijdens de Nationale Herdenking 15 augustus 1945 bij het Indisch Monument in Den Haag. Met het verhaal over zijn ouders maakte hij diepe indruk op de aanwezigen. “Pa, een blanda geboren in de provincie Groningen, als KNIL-militair gelegerd in Cimahi vlakbij Bandung en Ma, Indonesische, geboren in een kampong in de buurt van Cimahi. Een Sundanese van West-Java met naast het Bahasa een eigen taal en cultuur.”

Hijzelf werd opgevoed als een kind van twee culturen. Van zijn vader had hij de christelijke Tien Geboden meegekregen en van zijn moeder het animisme, eerbied en respect voor de natuur. “De rijstgodin Dewi Sri werd geëerd om zeker te zijn van iedere dag rijst op tafel. Pa en Ma hebben twaalf kinderen grootgebracht.”

Vitaal
Een week na de herdenking ontvangt Loek Middel de redactie van NC Magazine bij hem thuis in Brabant. In 2020 werd hij uitgeroepen tot de vitaalste oudere van Nederland. Hij woont nog altijd zelfstandig, doet zelf het huishouden en kookt zelf. Elke ochtend neemt hij zijn tai-chioefeningen door. Vanwege de strenge coronamaatregelen kon hij er de afgelopen maanden minder op uit dan anders, maar gelukkig kan hij nog appen en e-mailen met zijn familie, onder wie zijn twaalfjarige achterkleindochter. Vanmiddag kan hij eindelijk weer eens naar een dansmiddag, vertelt hij. “Line-dancen, de chachacha, de foxtrot. Dansen is goed voor de gezondheid.”

Herdenken
Het was bijzonder om de herdenking in Den Haag mee te maken, zegt hij. Andere jaren was hij op 15 augustus altijd aanwezig bij de HONI-herdenking in Den Bosch. De stichting Herdenking Oorlogsslachtoffers Nederlands-Indië herdenkt dan de slachtoffers van de Japanse bezetting en de Bersiap. Bij verzorgingstehuis De Grevelingen, waar de herdenking plaatsvindt, is een gedenkteken voor hen opgericht.

De Nationale Herdenking in Den Haag zag hij altijd op televisie. “Ik was er erg van onder de indruk hoe alles was georganiseerd. De toespraken van de anderen die dag waren indringend, de intensiviteit van het geheel was heel bijzonder. Zoiets maak je maar één keer in je leven mee. Ik ben er trots op dat ik mee heb kunnen doen. Indrukwekkend vond ik dat iedereen een zonnebloem kreeg om bij het monument neer te leggen.”

Ook het weer zat heel erg mee. De zon scheen de hele dag. Dat was geen toeval, lacht Loek Middel. “Ik had de vorige dag speciaal twee lomboks (Spaanse pepers, red.) buiten neergelegd. Dat is een oud gebruik, dat ik van mijn moeder heb meegekregen. Als het in Indië lang regende en ze verlangde naar de zon, dan deed ze dat ook altijd. Zij geloofde daarin.”

Indonesische ambassadeur
Gespannen was hij niet. “Ik had me ingeprent: ik sta straks voor een microfoon en dan ga ik iets voordragen. Met die gedachte ben ik daar naartoe gegaan. Op mijn leeftijd heb ik geleerd om me niet meer druk te maken. Dat is het voordeel van ouder worden. Maar als je daar eenmaal zit met het monument voor je en al die mensen om je heen, dan ben je toch onder de indruk.”

Na afloop kwamen er veel bekenden naar hem toe. Zelfs mensen die hij nog kende van vroeger uit Bandung. “De ambassadeur van Indonesië kwam ook naar mij en mijn zoon toe en toen hebben we even met elkaar staan praten. Hij komt uit Cimahi, de streek rondom Bandung waar ik ook vandaan kom. Hij gaf mij zijn kaartje en zei dat hij ons nog een keer gaat uitnodigen voor een West-Javaans etentje. In mijn toespraak sprak ik twee zinnetjes in het Soendanees. Dat herkende hij.”

Veerkracht
In zijn speech memoreerde Loek Middel twee Soendanese levenslessen die hij van zijn moeder meekreeg. Elehwae: durf je ongelijk te erkennen, het lucht op. En daarnaast: Entong di geleng, laat niet met je sollen. “Ik weet zeker dat velen van ons deze eenvoudige levenszinnetjes van hun ma of pa hebben meegekregen, waardoor we onze veerkracht bleven behouden.”

Na zijn vertrek naar Nederland heeft hij zijn moeder nooit meer teruggezien. “Mijn moeder bleef daar helaas alleen achter. Ze wilde niet mee. Ik begreep het wel dat ze daar wilde blijven. Ze verstond wel Nederlands, maar ze sprak het niet. We zijn pas in 1986 teruggegaan toen de kinderen groot genoeg waren en we geld genoeg hadden voor de reis naar Indonesië. Mijn moeder was toen al overleden. We zijn een keer of vier geweest. Toen hebben we ook het graf van mijn moeder bezocht. Later hebben we haar via de Oorlogsgravenstichting herbegraven in het graf van mijn vader op het Ereveld Menteng Pulo in Jakarta. Ik vond het belangrijk dat ik dat op 15 augustus heb kunnen vertellen. Dat Ma en Pa sindsdien tot in de eeuwigheid samengaan.”


Dit artikel verscheen eerder in NC Magazine nr.20 (najaar 2021). Het artikel is geschreven door Ricci Scheldwacht, de foto is van Ilvy Njiokiktjien.

.

Tooltip contents