Frank van Sprang: nieuwe ceremoniemeester Nationale Herdenking

‘De herdenking is van iedereen. Voor iedereen’

Op 4 mei neemt een nieuw gezicht plaats achter de katheder tijdens de Nationale Herdenking. De man van dienst: luitenant-generaal der mariniers b.d. Frank van Sprang. Hij volgt Jos Coumans op die de afgelopen negen jaar de plechtigheid op de Dam orkestreerde. En daarmee heeft Van Sprang grote schoenen te vullen. Met ook ruimte om zijn eigen accenten te leggen.

“De herdenking gaat niet alleen om het stilstaan bij de slachtoffers die gevallen zijn voor onze vrijheid”, zegt Van Sprang. “Het belang ervan is eigenlijk veel groter. Het gaat om het kennen van je geschiedenis, begrijpen waar we vandaan komen. Omdat dat je vertelt waarom we hier nu staan. En wellicht zelfs hoe morgen eruit kan zien.”

Rust
Van Sprang is geen onbekende in het herdenkingscircuit. In zijn eerste baan als generaal was hij al betrokken bij de ondersteuning van tal van herdenkingen in het land waar Defensie op een bepaalde manier bemoeienis mee had. Zoals de herdenking in Wageningen. Toch was de stap naar zijn nieuwe rol als ceremoniemeester tijdens de Nationale Herdenking geen automatische.

“Eigenlijk was ik van plan om na mijn afzwaaien eerst eens even een paar maanden rust te nemen. Maar ik had ook al bedacht dat ik vanuit mijn achtergrond graag iets zou willen blijven doen voor veteranen en met herdenken. Nog voor mijn daadwerkelijke afscheid kreeg ik al de vraag of ik het wellicht zou zien zitten om Jos Coumans op te volgen.”

Precisie
Na een uitgebreide procedure bleek Van Sprang de idelale kandidaat. De rol van ceremoniemeester is namelijk allesbehalve ceremonieel. Voor de buitenwacht lijkt het wellicht iets vanzelfsprekends dat om acht uur de twee minuten stilte ingaan.  Maar vanuit organisatorisch oogpunt is de Nationale Herdenking een operatie met militaire precisie. 

Van Sprang: “Ik heb vorig jaar achter de coulissen meegelopen om alvast een idee te krijgen van wat er allemaal bij komt kijken. En dat is enorm veel. Zowel procedureel als inhoudelijk. Om te beginnen: 20.00 uur is 20.00 uur. Geen seconde vroeger of later. Alles moet dus kloppen, de timing is superstrak en de speelruimte om vertraging op te vangen minimaal.”

Haakje
En dan moet ook de boodschap kloppen. “De tekst die wordt uitgesproken, het memorandum, vertelt wie er er tijdens de Nationale Herdenking allemaal worden herdacht. Dat lijkt misschien voor de hand liggend, maar die tekst luistert heel erg nauw. Zeker als emoties gaan spelen. De herdenking is van iedereen. Voor iedereen. Het is dus van belang dat iedereen dat ook zo kan voelen. Het memorandum is eigenlijk een kapstok waaraan je voor elke jas het juiste haakje maakt. Het gaat erom de juiste woorden te kiezen om ervoor te zorgen dat iedereen, ongeacht achtergrond, mening of leeftijd, zich aangesproken voelt tijdens de twee minuten stilte. Uiteraard binnen het concept van de Nationale Herdenking.”

Voor Van Sprang ligt juist daarin de uitdaging. Hij is een man van inhoud en precisie. Een man die weet waar we vandaan komen. Maar ook waar we nu staan. “De generatie die oorlog in eigen land heeft meegemaakt verdwijnt. De meeste mensen die nu in Nederland leven, hebben altijd vrede gekend. En zien vrede en veiligheid misschien zelfs als iets vanzelfsprekends.”

Verworvenheden
Tegelijkertijd lijkt oorlog voor het eerst in decennia niet meer iets van ‘ver weg’: geopolitieke onrust, hybride dreigingen en een veranderende relatie met bondgenoten zoals de VS werpen een schaduw vooruit. “Iedereen voelt dat er iets verandert, dat de instabilitiet en spanning in de wereld toenemen. Tegelijk gelooft niemand dat er hier Russische tanks door de straten komen rijden. Dat verwacht ik zelf ook niet direct. Maar veel mensen hebben geen idee van de strategische waarde van Nederland. En daarmee van de risico’s die wij bij een grootschalig conflict lopen. Vrijheid kent vele vormen. Denk aan economische vrijheid, sociale vrijheid of vrijheid van meningsuiting. Dat zijn allemaal echte vrijheden. Verworvenheden. Als je nooit iets anders hebt meegemaakt, is het lastig om ze als zodaning te herkennen. En daar ligt de uitdaging.”

Volgens Van Sprang komen al die verschijningsvormen samen in de herdenking op 4 mei. “We staan dan stil bij iedereen die het leven heeft gelaten in of als gevolg van gewapende conflicten. En daarmee bij wat mensen elkaar aan kunnen doen. Ik hoop dat de herdenking dát besef levend houdt. Dus niet alleen ‘dit mag ons nooit meer overkomen’. Maar ook: ‘dit mogen we nooit meer doen’. Want oorlogen worden gevoerd door mensen zoals jij en ik. Door gewone mensen die in uitzonderlijke situaties tot de vreselijkste dingen in staat blijken. ‘Nooit meer oorlog’ is geen loze kreet. Geen oproep aan ‘de ander’. Het is een opdracht aan ons allemaal.”


Luitenant-generaal der mariniers b.d. Frank van Sprang (1962) maakte zijn keuze voor het Korps Mariniers al op zeer jonge leeftijd na een bezoek aan de Vlootdagen. In 1982 trad hij toe tot de officiersopleiding aan het Koninklijk Instituut voor de Marine. Tijdens zijn ruim veertigjarige loopbaan vervulde hij uiteenlopende operationele en leidinggevende functies en werd uitgezonden naar onder meer Cambodja en Afghanistan. Hij was commandant van het Korps Mariniers, plaatsvervangend Commandant Zeestrijdkrachten en van 2019 tot en met 2024 Inspecteur-Generaal der Krijgsmacht. Toen hij eind 2024 afzwaaide, werd hij benoemd tot Officier in de Orde van Oranje-Nassau met de zwaarden. Als ceremoniemeester bij de Nationale Herdenking brengt hij militaire precisie samen met maatschappelijke betrokkenheid en gevoel voor traditie en betekenis.


Dit artikel verscheen eerder in NC Magazine nr.29 (voorjaar 2026). Het artikel is geschreven door Timo Waarsenburg, de foto is van Rogier Veldman.

Tooltip contents