4meiOverlay

Hoe ervaren ‘nieuwe Nederlanders’ 4 en 5 mei?


Hoe ervaren ‘nieuwe Nederlanders’ 4 en 5 mei?

Voor dit onderzoek zijn data verzameld onder bijna 900 Nederlanders met een (deels) niet-Nederlandse achtergrond. Hierdoor is een betrouwbaar beeld ontstaan over hoe Nederlanders met een (deels) niet-Nederlandse achtergrond denken over 4 en 5 mei.  

Deelname

Deelname aan 4 en 5 mei onder inwoners met een niet-Nederlandse achtergrond hangt voornamelijk af van eerdere bekendheid met nationale rituelen, bijvoorbeeld door deelname aan rituelen specifiek voor het land van herkomst, of door een persoonlijke link met de Tweede Wereldoorlog. Ten slotte spelen ook Nederlands taalgebruik en de duur van het verblijf in Nederland een rol: frequenter gebruik van de Nederlandse taal in de thuisomgeving hangt samen met frequentere deelname aan 4 en 5 mei, net als een langer verblijf in Nederland.

Nationale verbondenheid

Mensen die vaker deelnemen aan de activiteiten rondom 4 mei, 5 mei en Koninginnedag (nu Koningsdag) rapporteren sterkere gevoelens van nationale verbondenheid dan mensen die minder vaak deelnemen. Ondanks dat inwoners met een niet-westerse achtergrond minder frequent deelnemen aan 4 en 5 mei, associëren zij deze dagen wel meer met gevoelens van nationale verbondenheid dan autochtonen.

Hoe belangrijk

Inwoners van Turkse en Marokkaanse komaf hechten significant minder waarde aan 4 en 5 mei dan autochtone Nederlanders. Nederlanders van Antilliaanse, Surinaamse en Indonesische komaf vinden deze dagen even belangrijk als autochtone Nederlanders. Nederlanders van Turkse en Marokkaanse komaf hangen minder vaak de Nederlandse vlag buiten op 4 en 5 mei. Ook zijn zij minder vaak twee minuten stil op 4 mei. Zij bezoeken gemiddeld genomen wel even vaak een Bevrijdingsfestival als autochtone Nederlanders.

Ga terug naar alle onderzoeksresultaten.

Foto: Roel Wijnants (Creative Commons Attribution-NonCommercial 2.0 Generic).


Deel deze pagina