Market Garden
- type spoor
-
Overig
- lokatie
-
Arnhem en Oosterbeek
Arnhem en Oosterbeek - ontstaan
- 17 september 1944
Market Garden
Operatie Market Garden. Ook bekend als de Slag om Arnhem. Op 17 september 1944 landen de eerste geallieerde parachutisten bij Oosterbeek. Doel: de Rijnbrug bij Arnhem veroveren. Maar het Duitse verzet is onverwacht sterk. Dagenlange gevechten volgen. De geallieerde aanval mislukt. Op verschillende plaatsen zijn de sporen van de strijd nog altijd zichtbaar.
Voor enkele voorbeelden zie de volgende sporen:
Voor enkele voorbeelden zie de volgende sporen:
Operatie Market Garden
Arnhem en Oosterbeek staan in september 1944 wereldwijd in de belangstelling. De geallieerden hebben een ambitieus plan opgesteld om vanuit België in één keer te kunnen oprukken naar Arnhem. Daar willen ze de Rijn oversteken. Codenaam van de operatie: Market Garden. De operatie begint op 17 september en bestaat uit twee delen. Allereerst moeten de belangrijkste bruggen over rivieren en kanalen tussen Arnhem en de Belgische grens veilig gesteld worden. Deze taak is toebedeeld aan drie divisies van Amerikaanse en Britse parachutisten en luchtlandingstroepen. Vele duizenden parachutisten en luchtlandingstroepen landen bij ondermeer Oosterbeek, Groesbeek en Eindhoven.
Britse tanks moeten het tweede gedeelte van de operatie uitvoeren. Via de bezette bruggen moeten ze doorstoten naar het einddoel: de Rijnbrug bij Arnhem. De veroverde corridor en het bruggenhoofd zijn nodig om zoveel mogelijk troepen de Rijn over te krijgen, zodat ze kunnen oprukken naar het laagland van Duitsland. Men wil voor Kerstmis 1944 Berlijn bereiken.
Het zal echter niet zo mogen zijn. De operatie mislukt. Enkele oorzaken: overschatting van de geallieerde strijdkracht, onderschatting van de sterkte van de bezetter, verkeerde planning en grote logistieke problemen.
Deel 1 van de operatie
Op 17 september 1944 landen de eerste parachutisten en luchtlandingstroepen op verschillende plaatsen rond Oosterbeek. Duizenden parachutisten zullen nog volgen. Ze moeten verschillende doelen bij Arnhem innemen. Via drie verschillende routes trekken troepen op naar het hoofddoel: de Rijnbrug. Slechts één bataljon, onder leiding van majoor Frost, weet de brug te bereiken. De andere routes worden geblokkeerd door een sterke Duitse troepenmacht.
Onverwachte tegenstand
Voor de operatie van start gaat, wordt ontdekt dat er meer Duitse tegenstand bij Arnhem zal zijn dan voorzien. Twee Duitse pantserdivisies zijn nabij Arnhem samengetrokken om op sterkte te komen. Maar de ontdekker van deze informatie, afkomstig van verkenningsvluchten, wordt niet gehoord. De informatie komt daardoor niet terecht bij de troepen die de aanval moeten uitvoeren. Op de grond worden zij verrast door de sterke Duitse tegenstand. De Duitse troepen kunnen tanks inzetten tegen de relatief zwak uitgeruste Britse parachutisten en luchtlandingstroepen.
Mislukt verrassingseffect
De kracht van parachutisten en luchtlandingstroepen schuilt in het effect van verrassing en de mogelijkheid om zeer dicht bij een doel te landen. De troepen zijn opgeleid om snel een doel te bezetten. Maar door de aard van vervoer kunnen niet voldoende zware wapens en voorraden aangevoerd worden. De parachutisten en luchtlandingstroepen moeten dus snel versterking kunnen krijgen.
Deze opzet mislukt bij Arnhem. De dropzones voor de parachutisten en luchtlandingstroepen bij Oosterbeek liggen op grote afstand van het belangrijkste doel: de Rijnbrug. In sommige gevallen moeten de soldaten twintig kilometer afleggen tot ze het doel bereiken. Het verrassingselement gaat daardoor snel verloren. De Duitse generaals hebben al snel door dat de Rijnbrug het hoofddoel is en handelen daarnaar.
Uitblijvende versterking
De groep bij de Rijnburg kan door tussenkomst van de Duitse troepen geen versterking van de Britse parachutisten krijgen. Zij moeten hopen op de komst van de Britse tanks vanuit het zuiden. Verschillende groepen parachutisten en luchtlandingstroepen bij Arnhem en Oosterbeek proberen om toch een doorbraak te forceren, maar ze worden steeds verder teruggedrongen. Ze moeten zich terugtrekken in Oosterbeek. Een aantal dagen van zware gevechten volgen en er vallen veel slachtoffers. De Britten hebben een perimeter van 1 bij 2 kilometer ingericht rondom het tijdelijke hoofdkwartier in Hotel Hartenstein. Verschillende pogingen om deze perimeter te versterken, onder meer met Poolse parachutisten, mislukken. In de nacht van 25 op 26 september wordt de perimeter geëvacueerd. Ongeveer 2000 soldaten weten de overtocht te maken. In totaal zijn 10.000 parachutisten en luchtlandingstroepen bij Oosterbeek geland.
De troepen bij de brug houden het uit tot 21 september. Zware gevechten in de puinhopen van Arnhem hebben hun tol geëist. De beloofde versterkingen komen nooit aan.
Aanval uit het zuiden
Gelijktijdig met het droppen van parachutisten en luchtlandingstroepen tussen de Belgische grens en Arnhem moeten de Britse tanks oprukken vanaf diezelfde grens. De tanks moeten binnen drie dagen Arnhem bereiken. Maar de opmars gaat geplaagd met talloze tegenslagen. Een belangrijke brug bij Son komt niet intact in handen van de geallieerden. Daardoor moet eerst een noodbrug worden aangelegd. Een groot gedeelte van de route gaat over een zeer smalle weg, die bovendien over grote afstand op een dijk ligt. De Britse troepen zijn daardoor een zeer gemakkelijk doelwit. De weg wordt keer op keer geblokkeerd door kapotgeschoten Engelse tanks. Niet voor niets krijgt de route de naam “Hells Highway”. Afgezien daarvan is de Duitse tegenstand heftiger dan verwacht. De brug bij Nijmegen blijkt een grote horde om te nemen. Dit alles heeft ernstige vertragingen tot gevolg en uiteindelijk het mislukken van operatie Market Garden.
Arnhem en Oosterbeek staan in september 1944 wereldwijd in de belangstelling. De geallieerden hebben een ambitieus plan opgesteld om vanuit België in één keer te kunnen oprukken naar Arnhem. Daar willen ze de Rijn oversteken. Codenaam van de operatie: Market Garden. De operatie begint op 17 september en bestaat uit twee delen. Allereerst moeten de belangrijkste bruggen over rivieren en kanalen tussen Arnhem en de Belgische grens veilig gesteld worden. Deze taak is toebedeeld aan drie divisies van Amerikaanse en Britse parachutisten en luchtlandingstroepen. Vele duizenden parachutisten en luchtlandingstroepen landen bij ondermeer Oosterbeek, Groesbeek en Eindhoven.
Britse tanks moeten het tweede gedeelte van de operatie uitvoeren. Via de bezette bruggen moeten ze doorstoten naar het einddoel: de Rijnbrug bij Arnhem. De veroverde corridor en het bruggenhoofd zijn nodig om zoveel mogelijk troepen de Rijn over te krijgen, zodat ze kunnen oprukken naar het laagland van Duitsland. Men wil voor Kerstmis 1944 Berlijn bereiken.
Het zal echter niet zo mogen zijn. De operatie mislukt. Enkele oorzaken: overschatting van de geallieerde strijdkracht, onderschatting van de sterkte van de bezetter, verkeerde planning en grote logistieke problemen.
Deel 1 van de operatie
Op 17 september 1944 landen de eerste parachutisten en luchtlandingstroepen op verschillende plaatsen rond Oosterbeek. Duizenden parachutisten zullen nog volgen. Ze moeten verschillende doelen bij Arnhem innemen. Via drie verschillende routes trekken troepen op naar het hoofddoel: de Rijnbrug. Slechts één bataljon, onder leiding van majoor Frost, weet de brug te bereiken. De andere routes worden geblokkeerd door een sterke Duitse troepenmacht.
Onverwachte tegenstand
Voor de operatie van start gaat, wordt ontdekt dat er meer Duitse tegenstand bij Arnhem zal zijn dan voorzien. Twee Duitse pantserdivisies zijn nabij Arnhem samengetrokken om op sterkte te komen. Maar de ontdekker van deze informatie, afkomstig van verkenningsvluchten, wordt niet gehoord. De informatie komt daardoor niet terecht bij de troepen die de aanval moeten uitvoeren. Op de grond worden zij verrast door de sterke Duitse tegenstand. De Duitse troepen kunnen tanks inzetten tegen de relatief zwak uitgeruste Britse parachutisten en luchtlandingstroepen.
Mislukt verrassingseffect
De kracht van parachutisten en luchtlandingstroepen schuilt in het effect van verrassing en de mogelijkheid om zeer dicht bij een doel te landen. De troepen zijn opgeleid om snel een doel te bezetten. Maar door de aard van vervoer kunnen niet voldoende zware wapens en voorraden aangevoerd worden. De parachutisten en luchtlandingstroepen moeten dus snel versterking kunnen krijgen.
Deze opzet mislukt bij Arnhem. De dropzones voor de parachutisten en luchtlandingstroepen bij Oosterbeek liggen op grote afstand van het belangrijkste doel: de Rijnbrug. In sommige gevallen moeten de soldaten twintig kilometer afleggen tot ze het doel bereiken. Het verrassingselement gaat daardoor snel verloren. De Duitse generaals hebben al snel door dat de Rijnbrug het hoofddoel is en handelen daarnaar.
Uitblijvende versterking
De groep bij de Rijnburg kan door tussenkomst van de Duitse troepen geen versterking van de Britse parachutisten krijgen. Zij moeten hopen op de komst van de Britse tanks vanuit het zuiden. Verschillende groepen parachutisten en luchtlandingstroepen bij Arnhem en Oosterbeek proberen om toch een doorbraak te forceren, maar ze worden steeds verder teruggedrongen. Ze moeten zich terugtrekken in Oosterbeek. Een aantal dagen van zware gevechten volgen en er vallen veel slachtoffers. De Britten hebben een perimeter van 1 bij 2 kilometer ingericht rondom het tijdelijke hoofdkwartier in Hotel Hartenstein. Verschillende pogingen om deze perimeter te versterken, onder meer met Poolse parachutisten, mislukken. In de nacht van 25 op 26 september wordt de perimeter geëvacueerd. Ongeveer 2000 soldaten weten de overtocht te maken. In totaal zijn 10.000 parachutisten en luchtlandingstroepen bij Oosterbeek geland.
De troepen bij de brug houden het uit tot 21 september. Zware gevechten in de puinhopen van Arnhem hebben hun tol geëist. De beloofde versterkingen komen nooit aan.
Aanval uit het zuiden
Gelijktijdig met het droppen van parachutisten en luchtlandingstroepen tussen de Belgische grens en Arnhem moeten de Britse tanks oprukken vanaf diezelfde grens. De tanks moeten binnen drie dagen Arnhem bereiken. Maar de opmars gaat geplaagd met talloze tegenslagen. Een belangrijke brug bij Son komt niet intact in handen van de geallieerden. Daardoor moet eerst een noodbrug worden aangelegd. Een groot gedeelte van de route gaat over een zeer smalle weg, die bovendien over grote afstand op een dijk ligt. De Britse troepen zijn daardoor een zeer gemakkelijk doelwit. De weg wordt keer op keer geblokkeerd door kapotgeschoten Engelse tanks. Niet voor niets krijgt de route de naam “Hells Highway”. Afgezien daarvan is de Duitse tegenstand heftiger dan verwacht. De brug bij Nijmegen blijkt een grote horde om te nemen. Dit alles heeft ernstige vertragingen tot gevolg en uiteindelijk het mislukken van operatie Market Garden.

Terug naar overzicht