De strijd om de Afsluitdijk
- type spoor
-
Verdedigingslinie
- lokatie
-
Afsluitdijk
Kornwerderzand (gemeente Wûnseradiel)
De strijd om de Afsluitdijk
Met man en macht probeert de Duitse invaller in mei 1940 de stelling van Kornwerderzand te veroveren. Vanuit 17 kazematten – bunkers – bieden de verdedigers weerstand. De verdedigingslinie is sterk en strategisch aangelegd. Pas nadat Nederland capituleert, kunnen de Duitse tanks doorrollen over de Afsluitdijk. Met lede ogen kijken de verdedigers toe.
Bronnen
Bronnen
- Kazemattenmuseum Kornwerderzand;
- Lukas Koops: De slag om de afsluitdijk. In Noorderbreedte, 2005;
- War over Holland;
- Verdedigingswerken.nl.
De linie
In 1921 besluit men om de Afsluitdijk aan te leggen. Deze dijk verbindt Friesland met Noord-Holland. Vanaf het begin is duidelijk dat de dijk een sterke verdediging nodig heeft, want eventuele vijanden kunnen anders vanuit Friesland zo doorlopen naar Noord- en Zuid-Holland, en omgekeerd. In de kop van Noord-Holland ligt bovendien Den Helder met een belangrijk militair doel voor eventuele vijanden: de Marinehaven. Rijkswaterstaat legt twee stellingen aan, geschikt voor moderne oorlogsvoering. Eén bij Den Oever en één bij Kornwerderzand. Ook de sluizen in de dijk zullen een rol spelen bij een eventuele vijandige inval. Via inundaties – het onder water zetten van een gebied – moet de vijand worden tegengehouden.
17 kazematten
Bij Kornwerderzand worden 17 kazematten – bunkers – gebouwd, verdeeld in twee linies. De voorste linie bestaat uit 11 kazematten. De muren zijn drie meter dik en bovenop de kazematten wordt grond gestort. De bewapening is in eerste instantie moeilijk te bemachtigen, maar uiteindelijk komt de bouw gereed. Vanuit de kazematten is afweervuur mogelijk in alle richtingen. Wel ligt de nadruk op de Friese kust. De complete verdedigingslinie bestaat uit een commandokazemat, kanonkazematten (2), mitrailleurkazematten (9), keuken- en luchtdoelkazemat, zoeklichtkazemat, een aggregaat- en verbandplaatskazemat en een paar kleinere aggregaatkazematten. De zoeklichtbunker zal uiteindelijk nooit als geheel functioneren, omdat het zoeklicht niet af is als er oorlog uitbrak. Vanaf de mobilisatie, in 1939, zijn in de stelling van Kornwerderzand ongeveer 220 man gelegerd. Ze staan onder leiding van Kapitein C.F.J. Boers.
Wonsstelling
Voordat de invallende Duitse eenheden, in mei 1940, Kornwerderzand kunnen bereiken, moeten zij eerst de Wonsstelling voorbij. Deze stelling is zeven kilometer lang en loopt van Zurich tot Makkum, met het dorpje Wons in het midden. Bij Wons zijn echter (nog) geen bunkers gebouwd. De verdedigers moeten zich redden met houten en aarden opstellingen. Vanwege de hoge waterstanden kunnen deze niet ingegraven worden. Om de vijand tegen te houden worden de weilanden voor de linie gedeeltelijk onder water gezet. Het doel van de linie is om terugtrekkende soldaten op te vangen en de Afsluitdijk zo lang mogelijk onbereikbaar te houden voor vijandelijke troepen. 650 mannen onder leiding van majoor Smid houden de wacht.
De inval
In de ochtend van 12 mei 1940 doen zich de eerste vijandelijke contacten voor bij de Wonsstelling. De Nederlandse verdedigers weten de (verkennings)eenheden terug te drijven. In de middag verlegt de vijand zijn focus naar het midden van de linie. Maar ook hier houden de verdedigers de troepen in eerste instantie tegen. De invallers besluiten meer artillerie in te zetten om de Wonsstelling in te nemen. De verdedigers houden nog steeds stand, maar sommige eenheden moeten zich een eind terugtrekken. De eenheden in Zurich en Gooiem zien dat en denken dat het bevel tot terugtrekken is gegeven. Ook zij trekken zich terug. Nu is dit deel van de linie eenvoudig door de vijand in te nemen. De andere verdedigers worden afgesneden en in de rug aangevallen. Een klein gedeelte van de verdedigers van de Wonsstelling weet te ontkomen via de Afsluitdijk of over het IJsselmeer. Om 18:00 uur zijn alle verdedigers achter de stelling van Kornwerderzand getrokken.
De vierde dag van de inval in Nederland, 13 mei 1940, staat in het teken van luchtaanvallen op de stelling van Kornwerderzand. Wat de invallers niet weten, is dat vanuit Noord-Holland in de nacht van 12 op 13 mei luchtafweergeschut is gearriveerd. Met het geschut worden de eerste twee vliegtuigen onder vuur genomen; één vliegtuig stort in zee. De Duitsers blijven de hele dag terugkomen met meer vliegtuigen, maar de bemanning van het luchtafweergeschut blijft op zijn plaats. Nog drie Duitse vliegtuigen worden die dag neergehaald.
Capitulatie
De aanvallen op de stelling van Kornwerderzand mislukken en de Duitse troepen komen de kazematten niet voorbij. De stelling is de enige plek in Nederland waar de vijand, ondanks zijn overmacht, de linies van de Nederlanders niet kan doorbreken. De verdedigers van de stelling zijn dan ook zeer teleurgesteld als ze op 14 mei te horen krijgen dat de capitulatie van Nederland is afgekondigd. Lijdzaam zien zij toe hoe de Duitse troepen in de dagen daarna alsnog de Afsluitdijk op kunnen rijden. En dat terwijl zij, de verdedigers van de Afsluitdijk, het nog lange tijd hadden kunnen uithouden.
Duitse bezetting en daarna
Tijdens de bezetting van Nederland maken de Duitsers gebruik van de stelling en bouwen ze er nog twee bunkers bij. Na afloop van de oorlog vestigt men er een museum, om de Tweede Oorlog en de rol van het verdedigingswerk in herinnering te houden.
In 1921 besluit men om de Afsluitdijk aan te leggen. Deze dijk verbindt Friesland met Noord-Holland. Vanaf het begin is duidelijk dat de dijk een sterke verdediging nodig heeft, want eventuele vijanden kunnen anders vanuit Friesland zo doorlopen naar Noord- en Zuid-Holland, en omgekeerd. In de kop van Noord-Holland ligt bovendien Den Helder met een belangrijk militair doel voor eventuele vijanden: de Marinehaven. Rijkswaterstaat legt twee stellingen aan, geschikt voor moderne oorlogsvoering. Eén bij Den Oever en één bij Kornwerderzand. Ook de sluizen in de dijk zullen een rol spelen bij een eventuele vijandige inval. Via inundaties – het onder water zetten van een gebied – moet de vijand worden tegengehouden.
17 kazematten
Bij Kornwerderzand worden 17 kazematten – bunkers – gebouwd, verdeeld in twee linies. De voorste linie bestaat uit 11 kazematten. De muren zijn drie meter dik en bovenop de kazematten wordt grond gestort. De bewapening is in eerste instantie moeilijk te bemachtigen, maar uiteindelijk komt de bouw gereed. Vanuit de kazematten is afweervuur mogelijk in alle richtingen. Wel ligt de nadruk op de Friese kust. De complete verdedigingslinie bestaat uit een commandokazemat, kanonkazematten (2), mitrailleurkazematten (9), keuken- en luchtdoelkazemat, zoeklichtkazemat, een aggregaat- en verbandplaatskazemat en een paar kleinere aggregaatkazematten. De zoeklichtbunker zal uiteindelijk nooit als geheel functioneren, omdat het zoeklicht niet af is als er oorlog uitbrak. Vanaf de mobilisatie, in 1939, zijn in de stelling van Kornwerderzand ongeveer 220 man gelegerd. Ze staan onder leiding van Kapitein C.F.J. Boers.
Wonsstelling
Voordat de invallende Duitse eenheden, in mei 1940, Kornwerderzand kunnen bereiken, moeten zij eerst de Wonsstelling voorbij. Deze stelling is zeven kilometer lang en loopt van Zurich tot Makkum, met het dorpje Wons in het midden. Bij Wons zijn echter (nog) geen bunkers gebouwd. De verdedigers moeten zich redden met houten en aarden opstellingen. Vanwege de hoge waterstanden kunnen deze niet ingegraven worden. Om de vijand tegen te houden worden de weilanden voor de linie gedeeltelijk onder water gezet. Het doel van de linie is om terugtrekkende soldaten op te vangen en de Afsluitdijk zo lang mogelijk onbereikbaar te houden voor vijandelijke troepen. 650 mannen onder leiding van majoor Smid houden de wacht.
De inval
In de ochtend van 12 mei 1940 doen zich de eerste vijandelijke contacten voor bij de Wonsstelling. De Nederlandse verdedigers weten de (verkennings)eenheden terug te drijven. In de middag verlegt de vijand zijn focus naar het midden van de linie. Maar ook hier houden de verdedigers de troepen in eerste instantie tegen. De invallers besluiten meer artillerie in te zetten om de Wonsstelling in te nemen. De verdedigers houden nog steeds stand, maar sommige eenheden moeten zich een eind terugtrekken. De eenheden in Zurich en Gooiem zien dat en denken dat het bevel tot terugtrekken is gegeven. Ook zij trekken zich terug. Nu is dit deel van de linie eenvoudig door de vijand in te nemen. De andere verdedigers worden afgesneden en in de rug aangevallen. Een klein gedeelte van de verdedigers van de Wonsstelling weet te ontkomen via de Afsluitdijk of over het IJsselmeer. Om 18:00 uur zijn alle verdedigers achter de stelling van Kornwerderzand getrokken.
De vierde dag van de inval in Nederland, 13 mei 1940, staat in het teken van luchtaanvallen op de stelling van Kornwerderzand. Wat de invallers niet weten, is dat vanuit Noord-Holland in de nacht van 12 op 13 mei luchtafweergeschut is gearriveerd. Met het geschut worden de eerste twee vliegtuigen onder vuur genomen; één vliegtuig stort in zee. De Duitsers blijven de hele dag terugkomen met meer vliegtuigen, maar de bemanning van het luchtafweergeschut blijft op zijn plaats. Nog drie Duitse vliegtuigen worden die dag neergehaald.
Capitulatie
De aanvallen op de stelling van Kornwerderzand mislukken en de Duitse troepen komen de kazematten niet voorbij. De stelling is de enige plek in Nederland waar de vijand, ondanks zijn overmacht, de linies van de Nederlanders niet kan doorbreken. De verdedigers van de stelling zijn dan ook zeer teleurgesteld als ze op 14 mei te horen krijgen dat de capitulatie van Nederland is afgekondigd. Lijdzaam zien zij toe hoe de Duitse troepen in de dagen daarna alsnog de Afsluitdijk op kunnen rijden. En dat terwijl zij, de verdedigers van de Afsluitdijk, het nog lange tijd hadden kunnen uithouden.
Duitse bezetting en daarna
Tijdens de bezetting van Nederland maken de Duitsers gebruik van de stelling en bouwen ze er nog twee bunkers bij. Na afloop van de oorlog vestigt men er een museum, om de Tweede Oorlog en de rol van het verdedigingswerk in herinnering te houden.
Sporen in de omgeving

Terug naar overzicht