Bayerische Viertel, een nette woonbuurt met een ruime opzet,
ligt in de Westberlijnse wijk Schöneberg. Zoals in veel Duitse woonwijken
bestaat het straatbeeld uit elegante oudbouw, afgewisseld met saaie nieuwbouw.
Een bekend gevolg van de verwoestingen van de oorlog. De buurt is bepaald niet
arm, maar niet echt chique. Als bezoeker ontkom je niet aan de indruk dat het
er voor de oorlog mooier en mondainer moet zijn geweest.
door Alex BakkerDe naam dankt de wijk aan de oorspronkelijke bouwstijl van
de huizen die geïnspireerd was op het landelijke Beieren (NB:
Viertel betekent wijk of buurt). In de
jaren twintig trokken veel joodse artsen, topambtenaren, advocaten, kunstenaars
en intellectuelen weg uit het centrum naar het comfort van deze buitenwijk. In
de volksmond heette het al snel ‘Joods Zwitserland’. Rond 1933, het jaar van de
machtsovername door Hitler, woonden
in Schöneberg ongeveer 16.000 joden, waarvan het grootste deel in het Bayerische
Viertel. Onder hen o.a. Albert Einstein en de psycho-analyticus Erich Fromm. Het
was de betere -joodse- middenklasse die hier leefde; de vergelijking met de Amsterdamse
rivierenbuurt dringt zich op.
Sinds 1993 is een bijzonder herinneringsproject in het Bayerische
Viertel te zien. Het is subtiel aanwezig, verspreid door de hele buurt. Op drie
meter hoogte, aan lantaarnpalen en gevels, hangen in totaal tachtig bordjes van 50 bij 70 centimeter. Bordjes
met een pictogram, in heldere kleuren en moderne vormgeving. Tussen alle reclame-uitingen
en verkeersborden vallen ze niet bijzonder op. Hoogstens wekt het bevreemding dat
er geen teksten bij staan. Maar tekst blijkt op de achterzijde
te staan. En dan komt de schok. Het onschuldige frisse plaatje van zo-even
wordt scherp onderuitgehaald door anti-joodse maatregelen, wetteksten,
verordeningen of door aangrijpende citaten uit brieven.


Vertaling: 'Joden mogen na 8 uur 's avonds (zomers 9 uur) hun woningen niet meer verlaten'
Dit project is ontwikkeld door de kunstenaars Renata Stih en
Frieder Schnock. Van de 69 deelnemers aan de door de wijkraad uitgeschreven
wedstrijd werd hun ontwerp uitgekozen. Toen de kunstenaars op een voorjaarsdag
in 1993 begonnen met het bevestigen van de tachtig metalen bordjes, kreeg de politie
boze telefoontjes van geschokte bewoners. Er werden anti-semitische teksten
opgehangen! Het was een week voor de officiële opening van het herinneringsproject
en de bewoners wisten nog nergens van. Naar aanleiding van de heftige reacties besloot men onder elk bord een kleine uitleg van
het project te hangen.
De borden laten zien hoe de joodse bevolking vanaf 1933 te
maken kreeg met allerhande verordeningen en regels. Ingrepen die langzamerhand
hun persoonlijke vrijheid afnamen, en hen
stap voor stap buiten de normale samenleving plaatsten. Elk bordje geeft een
ander aspect van het dagelijks leven weer. De tachtig borden roepen al die
kleine stapjes in herinnering, de stapjes die leidden naar de vernietiging.

Vertaling: 'Joden mogen geen lid meer zijn van zangverenigingen
Soms sluit het plaatje en de inhoud aan bij de omgeving. Bij
het postkantoor zien we een icoon van een brief, met op de achterzijde een
wrang tekstfragment.

Vertaling: "Nu is het zover, morgen moet ik weg en dat valt mij natuurlijk heel zwaar. Ik zal je schrijven."
Van de 16.000 joden in Schöneberg emigreerden er 10.000. Van
de 6000 die werden gedeporteerd, overleefden ongeveer 170. Voor 1933 hadden joden
en niet-joden in het Bayerische Viertel zonder enige problemen samengewoond en
samengeleefd. Het monument herinnert ons er dan óók aan dat wijkbewoners de
uitsluiting van hun joodse buren stilzwijgend hebben gadegeslagen. Medebewoners
werden ooggetuigen, toeschouwers, omstanders, zoals op zoveel plaatsen in
Duitsland en de bezette landen. Temidden van vele toeschouwers werden mensen
weggehaald - niet uit een getto of een afgelegen dorp. De quasi-onschuldige
plaatjes herinneren ons eraan hoe dit alles in het doodnormale leven zijn begin
kende. De kunstenares Renata Stih heeft dit de 'esthetiek van het normale'
genoemd. De pictogrammen gaan moeiteloos op in de hedendaagse stedelijke
uitingen, net zoals de anti-joodse teksten destijds moeiteloos opgingen in de
praktijk van alledag en de publieke opinie.

Vertaling: 'Reispassen van joden moeten met een J worden bestempeld. Passen van joden van wie het vertrek ongewenst is, worden ingenomen.'Het meest indringende effect van dit herinneringsproject
heeft betrekking op de bezoeker zelf. Je wordt in het perspectief van de
toeschouwer, de omstander gedwongen. Afhankelijk van je looprichting zie je
alleen de tekst of alleen het plaatje.
Je moet letterlijk steeds even stilstaan en je omdraaien. De ene anti-joodse
maatregel volgt de andere op. Omdat je dit tachtig
keer kunt doen, ligt een zekere gewenning op de loer. En op dat moment slaat de
essentie van het project genadeloos toe. Gewenning zoals de buurtbewoners dat toen
ook hadden?
(metro U 4 en U7, uitstappen bij Bayerischer Platz)