Lohheide, monument voor Herman Andriesse op gedenkplaats Bergen-Belsen
- Locatie
-
Winsener Straße
D 29303 Lohheide (Nedersaksen)
Duitsland - Onthulling
- 1 september 2007
- Herdachte groep(en)
- – vervolgden Nederland
Lohheide, monument voor Herman Andriesse op gedenkplaats Bergen-Belsen
Vorm en materiaal
Het monument voor Herman Andriesse op de gedenkplaats Bergen-Belsen in Lohheide (deelstaat Nedersaksen) is een grafzerk van natuursteen.
Tekst
De tekst op de grafzerk luidt:
'IN MEMORY OF
HERMAN ANDRIESSE
28.10.1892 - 24.02.1945
WHO DID NOT LIVE TO KNOW
HIS GRANCHILDREN IN ISRAEL
[Hebreeuws]
SEPTEMBER 2007.'
Digitaal Joods Monument
De joodse oorlogsslachtoffers die op dit gedenkteken vermeld staan, zijn tevens opgenomen in het 'Digitaal Monument Joodse Gemeenschap in Nederland'. Hierin vindt u meer informatie over deze personen met waar mogelijk een korte biografie, familierelaties en adresgegevens.
Onder het kopje 'Geschiedenis' op deze pagina kunt u op een persoonsnaam klikken om doorverwezen te worden naar het Digitaal Joods Monument.
Locatie
Het monument is geplaatst in de nabijheid van het Joodse gedenkteken en maakt deel uit van de gedenkplaats Bergen-Belsen. De gedenkplaats ligt op de Lüneburger Heide in het district Lohheide (deelstaat Nedersaksen), ten zuidwesten van Bergen en circa zestig kilometer ten noordoosten van Hannover.
Op het voormalige kampterrein herinneren graven en gedenktekens aan het lijden en sterven van de gevangenen. Een documentatiecentrum informeert over de geschiedenis van de gevangenen en het kamp. De gedenkplaats Bergen-Belsen is dagelijks te bezichtigen van 9.00 t/m 18.00 uur. Behalve op 24, 25, 26 en 31 december en 1 januari. De toegang is gratis.
Bronnen
Het monument voor Herman Andriesse op de gedenkplaats Bergen-Belsen in Lohheide (deelstaat Nedersaksen) is een grafzerk van natuursteen.
Tekst
De tekst op de grafzerk luidt:
'IN MEMORY OF
HERMAN ANDRIESSE
28.10.1892 - 24.02.1945
WHO DID NOT LIVE TO KNOW
HIS GRANCHILDREN IN ISRAEL
[Hebreeuws]
SEPTEMBER 2007.'
Digitaal Joods Monument
De joodse oorlogsslachtoffers die op dit gedenkteken vermeld staan, zijn tevens opgenomen in het 'Digitaal Monument Joodse Gemeenschap in Nederland'. Hierin vindt u meer informatie over deze personen met waar mogelijk een korte biografie, familierelaties en adresgegevens.
Onder het kopje 'Geschiedenis' op deze pagina kunt u op een persoonsnaam klikken om doorverwezen te worden naar het Digitaal Joods Monument.
Locatie
Het monument is geplaatst in de nabijheid van het Joodse gedenkteken en maakt deel uit van de gedenkplaats Bergen-Belsen. De gedenkplaats ligt op de Lüneburger Heide in het district Lohheide (deelstaat Nedersaksen), ten zuidwesten van Bergen en circa zestig kilometer ten noordoosten van Hannover.
Op het voormalige kampterrein herinneren graven en gedenktekens aan het lijden en sterven van de gevangenen. Een documentatiecentrum informeert over de geschiedenis van de gevangenen en het kamp. De gedenkplaats Bergen-Belsen is dagelijks te bezichtigen van 9.00 t/m 18.00 uur. Behalve op 24, 25, 26 en 31 december en 1 januari. De toegang is gratis.
Bronnen
- Collectie Joods Historisch Museum, Amsterdam;
- www.bergen-belsen.de;
- www.ag-bergen-belsen.de;
- nl.wikipedia.org/wiki/Bergen-Belsen;
Het monument voor Herman Andriesse op de gedenkplaats Bergen-Belsen in Lohheide (deelstaat Nedersaksen)
is opgericht ter nagedachtenis aan deze Joodse verzetsman die op 24 februari 1945 in het Duitse concentratiekamp Bergen-Belsen is omgekomen ten gevolge van de ontberingen.
Herman Andriesse, geboren op 28 oktober 1892 in Den Bosch, was een zoon van Joseph Andriesse en Cato Hartog. Andriesse was vertegenwoordiger in schoenen en makelaar. In 1923 huwde hij in Deventer. Het echtpaar had vier kinderen. Alle vier kinderen hebben de oorlog overleefd.
Bergen-Belsen was een berucht krijgsgevangen- en concentratiekamp in de Tweede Wereldoorlog waar ongeveer 70.000 mensen zijn vermoord. Het kamp was het grootste concentratiekamp in Duitsland, gevestigd in de deelstaat Nedersaksen, vijftig kilometer ten noorden van Hannover, en ten zuidwesten van de stad Bergen.
Bergen-Belsen was aanvankelijk ingericht als oefenplaats voor Duitse troepen die nodig waren om het Duitse leger op volle oorlogssterkte te krijgen. Vanaf 1936 bevond zich hier een 'lager' (kamp) met ongeveer dertig barakken. In het voorjaar van 1941 begon de Wehrmacht met het inrichten van Stalag XI C (311) (krijgsgevangenenkamp) voor de op handen zijnde aanval op Rusland. In juli 1941 kwamen de eerste transporten uit Rusland in Bergen-Belsen aan. Tot begin november 1941 werden hier circa 20.000 Russische soldaten gemarteld en vermoord.
In april 1943 nam de SS het bevel over. Er waren geen gaskamers in Bergen-Belsen, omdat de massamoorden in de meer oostelijk gelegen kampen plaatsvonden. Niettemin zijn er duizenden joden, homoseksuelen, Sinti en Roma gemarteld en verhongerd.
Kampleiders waren SS-Hauptsturmführer Adolf Haas (1943-1944) en Josef Kramer (1944-1945). Bergen-Belsen had vijf onafhankelijke deelkampen:
Bij de bevrijding van Bergen-Belsen door de Britten op 15 april 1945, troffen zij duizenden onbegraven lichamen aan. Er waren toen ongeveer 60.000 overlevenden, waarvan er nog 13.000 overleden in de dagen en weken daarop. Bij het kamp werden massagraven aangetroffen. Na de bevrijding werd Bergen-Belsen met de grond gelijk gemaakt. Dit vanwege de besmetting met tyfus en luizen.
Volgens schattingen werden in totaal circa 120.000 mensen naar Bergen-Belsen gedeporteerd. In totaal overleden tienduizenden joodse en niet-joodse gevangenen en krijgsgevangenen. De schattingen van het aantal omgekomen Nederlanders loopt uiteen van 1300 tot 3500. Slechts enkele restanten en sporen getuigen nog van dit bizarre en afgrijselijke verleden. Tegenwoordig zijn op het terrein van het voormalige concentratiekamp een bezoekerscentrum en een aantal monumenten gevestigd.
Onthulling
Het monument is onthuld in september 2007.
Herman Andriesse, geboren op 28 oktober 1892 in Den Bosch, was een zoon van Joseph Andriesse en Cato Hartog. Andriesse was vertegenwoordiger in schoenen en makelaar. In 1923 huwde hij in Deventer. Het echtpaar had vier kinderen. Alle vier kinderen hebben de oorlog overleefd.
Bergen-Belsen was een berucht krijgsgevangen- en concentratiekamp in de Tweede Wereldoorlog waar ongeveer 70.000 mensen zijn vermoord. Het kamp was het grootste concentratiekamp in Duitsland, gevestigd in de deelstaat Nedersaksen, vijftig kilometer ten noorden van Hannover, en ten zuidwesten van de stad Bergen.
Bergen-Belsen was aanvankelijk ingericht als oefenplaats voor Duitse troepen die nodig waren om het Duitse leger op volle oorlogssterkte te krijgen. Vanaf 1936 bevond zich hier een 'lager' (kamp) met ongeveer dertig barakken. In het voorjaar van 1941 begon de Wehrmacht met het inrichten van Stalag XI C (311) (krijgsgevangenenkamp) voor de op handen zijnde aanval op Rusland. In juli 1941 kwamen de eerste transporten uit Rusland in Bergen-Belsen aan. Tot begin november 1941 werden hier circa 20.000 Russische soldaten gemarteld en vermoord.
In april 1943 nam de SS het bevel over. Er waren geen gaskamers in Bergen-Belsen, omdat de massamoorden in de meer oostelijk gelegen kampen plaatsvonden. Niettemin zijn er duizenden joden, homoseksuelen, Sinti en Roma gemarteld en verhongerd.
Kampleiders waren SS-Hauptsturmführer Adolf Haas (1943-1944) en Josef Kramer (1944-1945). Bergen-Belsen had vijf onafhankelijke deelkampen:
- In het Häftlingslager (gevangenkamp) werden tot februari 1944 ongeveer 500 joden gevangen gehouden, die het kamp moesten opbouwen.
- In het Sonderlager waren joden met bijzondere papieren opgesloten. De meesten van hen kwamen uit Zuid-Amerikaanse landen. Van de 2.400 gevangenen uit dit lager werden er 1.050 in Auschwitz vermoord.
- In het Neutralenlager waren ongeveer 350 joden opgesloten uit neutrale landen.
- Het Sternenlager (jodensterrenkamp) was het grootste kamp van Bergen-Belsen. Hier bevonden zich in juli 1944 4.100 doorgangsgevangenen.
- In het Ungarnlager bevonden zich 1.684 joden uit Hongarije.
Bij de bevrijding van Bergen-Belsen door de Britten op 15 april 1945, troffen zij duizenden onbegraven lichamen aan. Er waren toen ongeveer 60.000 overlevenden, waarvan er nog 13.000 overleden in de dagen en weken daarop. Bij het kamp werden massagraven aangetroffen. Na de bevrijding werd Bergen-Belsen met de grond gelijk gemaakt. Dit vanwege de besmetting met tyfus en luizen.
Volgens schattingen werden in totaal circa 120.000 mensen naar Bergen-Belsen gedeporteerd. In totaal overleden tienduizenden joodse en niet-joodse gevangenen en krijgsgevangenen. De schattingen van het aantal omgekomen Nederlanders loopt uiteen van 1300 tot 3500. Slechts enkele restanten en sporen getuigen nog van dit bizarre en afgrijselijke verleden. Tegenwoordig zijn op het terrein van het voormalige concentratiekamp een bezoekerscentrum en een aantal monumenten gevestigd.
Onthulling
Het monument is onthuld in september 2007.

Terug naar overzicht