Oorlogsgetuigen

De Tweede Wereldoorlog was een totale oorlog: een oorlog die niet alleen
militair werd uitgevochten maar ook de burgerbevolking confronteerde met
oorlogsgeweld, vervolging, terreur, dwangarbeid en honger. Tienduizenden mensen kwamen hier tegen in verzet. Ze hielden zich bezig met gevaarlijke activiteiten en hadden een grote kans om te worden opgepakt.
Lees meer
Nadat Nederlands-Indië in maart 1942 was gecapituleerd, gingen de Japanners er spoedig toe over om de Europese en een
deel van de Indo-Europese bevolking te interneren in kampen. In Nederland wordt de collectieve herinnering aan de oorlog in Azië sterk bepaald door de herinnering aan de internering in de
kampen en de wreedheden en vernederingen die men daar heeft ondergaan.
Lees meer
De Duitsers vielen Nederland binnen op 10 mei 1940 en bezetten het land
in 4 dagen. Nederlandse militairen die het bezette gebied ontvlucht waren verzamelden zich Engeland en maakten samen met de koopvaardij deel uit van de geallieerde oorlogsinspanning. Vanaf januari 1942 richtten de Japanners hun aanval op
Nederlands- Indië. Op 8 maart 1942 moesten
de strijdkrachten capituleren. De niet-inheemse militairen moesten als krijgsgevangenen werken aan onder meer de Birma-Siam spoorlijn.
Lees meer
Momenteel is de grote meerderheid van de bevolking van Nederland geboren na
1945. Toch leeft de oorlog ruim zestig jaar later nog sterk bij de mensen. Dat geldt niet alleen voor de eerste generatie van na de oorlog, die vaak op een ingrijpende manier geconfronteerd werd met het oorlogsverleden van hun ouders. Het geldt ook voor jongere generaties, die de gebeurtenissen van de Tweede Wereldoorlog verbinden met oorlog en discriminatie vandaag de dag.
Lees meer