4meiOverlay

Tijdlijn 4 en 5 mei


Tijdlijn

30 augustus 1945

Eerste plaatselijke herdenkingen van het voormalig verzet, met stille tochten naar plaatsen waar mensen in WO II gefusilleerd zijn, aan de vooravond van Nationale gedenkdag in het Olympisch Stadion in Amsterdam op de verjaardag van Koningin Wilhelmina

31 augustus 1945

Nationale gedenkdag met theaterspel op de verjaardag van koningin Wilhelmina in het Olympisch Stadion in Amsterdam.

16 januari 1946

Besluit ministerraad besluit viering bevrijding voortaan op 5 mei te houden, zonder daarvan een vrije dag te maken.

februari 1946

Protest Commissie Nationale Herdenking 1940-1945 en oud-verzetsmensen die op 4 mei eerst willen herdenken.

voorjaar 1946

Regering gaat akkoord met richtlijnen van particuliere Commissie Nationale Herdenking 1940-1945 voor plaatselijke herdenkingen op 4 mei, met om 19.30 uur stille tochten, om 20.00 uur twee minuten stilte en vlaggen halfstok tot zonsondergang

3 mei 1946

Plaatselijke herdenkingen omdat 5 mei op zondag valt en daarom op 4 mei wordt gevierd

4 mei 1946

Viering van de bevrijding in het Olympisch Stadion in Amsterdam omdat 5 mei op zondag valt

1947-1960

Commissie Nationale Herdenking verspreidt jaarlijks in het voorjaar door de regering goedgekeurde richtlijnen voor de plaatselijke herdenkingen via de VNG

1947-1960

Commissie organiseert op 4 mei ’s middags Nationale Herdenking in Ridderzaal met cultureel karakter voor Corps Diplomatique voorafgaand aan plaatselijke herdenkingen ‘s avonds

1948

Overheidspersoneel krijgt op 5 mei om 16.00 uur vrij

1949

Overheidspersoneel krijgt op 5 mei een halve dag vrij

1955

Regering stelt Nationaal Comité Viering Bevrijdingsdag 5 mei 1955 in dat landelijke richtlijnen voor het programma opstelt. De eerste militaire herdenking van de bevrijding wordt op 5 mei in Wageningen gehouden.

1956

Onthulling Nationaal Monument op de Dam

1958

Regering Drees besluit dat 5 mei jaarlijks alleen met vlaggen en een programma voor de schooljeugd wordt gevierd, en alleen in lustrumjaren als Nationale Bevrijdingsdag geldt waarvoor ambtenaren een vrije dag krijgen.

1960

4 mei: onthulling monument met Erelijst gevallenen 1940-1945 in hal Tweede Kamer

1960

Besluit bevrijding eens in de vijf jaar te vieren.

1961

Besluit Herdenking in de Ridderzaal voortaan een keer per vijf jaar te houden

1961

Op 4 mei eerste gezamenlijke herdenking met Commissie Nationale Herdenking Militaire Gevallenen om 16.00 uur op de Dam, in aanwezigheid van de koningin en voorafgegaan door herdenkingsdiensten in kerken; uitbreiding memorandum met Nederlanders die na 1945 in dienst van het Koninkrijk gevallen zijn; dus ook Indië- en Koreaveteranen

1968

Besluit regering om herdenking altijd op 4 mei te houden, ongeacht dag van de week

1973

Fusie particuliere commissies tot Comité Nationale Herdenking; afschaffing herdenking in de Ridderzaal

1974

Start bijdrage Scouting aan kranslegging Nationale Herdenking op de Dam

1975

Eerste 5 mei-viering met speciale aandacht voor Joodse, Indische en communistische vervolgingsslachtoffers n.a.v. invoering uitkeringswetten

1980

Ministers van AZ, Defensie en CRM besluiten tot oprichting Comité Nationale Viering Bevrijding (CNVB) dat wegens succes wordt verlengd om jaarlijks een manifestatie in een andere provinciehoofdstad te organiseren.

1982

5 mei bij Koninklijk Besluit aangewezen als algemeen erkende feestdag.

5 mei 1985

Lustrumviering bevrijding in Rotterdam met geallieerden; BRD-president Von Weisäcker aanwezig bij de opening van tentoonstelling over het verzet.

december 1985

Premier Lubbers kondigt aan dat CNVB z.s.m. moet integreren met de Commissie Nationale Herdenking en wil na 1986 einde aan rondgang langs provinciehoofdsteden.

1986

Werkgroep krijgt opdracht de regering te adviseren over nieuwe vormgeving herdenking en viering van de bevrijding

5 mei 1987

Viering in Concertgebouw Amsterdam met veel aandacht voor ‘Adopteer een Monument’

1 juli 1987

Regering stemt in grote lijnen in met plan Werkgroep Nationale herdenking en Viering dat vanaf 1 september verder ingevuld wordt door het nieuwe Nationaal Comité 4 en 5 mei

December 1987

Koninklijk Besluit tot instelling Nationaal Comité 4 en 5 mei. Bestuursleden worden bij Koninklijk Besluit benoemd op persoonlijke titel

1988

De scheiding tussen de Nationale Herdenking om 16.00 uur en de Amsterdamse herdenking om 20.00 uur wordt opgeheven. De Nationale Herdenking vindt voortaan om 20.00 uur op de Dam plaats. Bevrijding wordt in Amsterdam gevierd met feestelijke thematische bijeenkomst van delegaties uit het land.

1990

Aanwijzing 5 mei als nationale feestdag

1992

Start literaire 4 mei-voordracht

1992

Begin ondersteuning aan provincies bij opzetten bevrijdingsfestivals

1994

In alle provincies bevrijdingsfestivals van de grond gekomen

1995

Vijftigjarige viering van de bevrijding met veel aandacht voor grondrechten en concert op de Amstel in aanwezigheid geallieerde veteranen

1995

Eerste 5 mei-lezing door H.M. de Koningin in de Ridderzaal in Den Haag

1996

Besluit jaarlijkse start van 5 mei te organiseren in een provinciehoofdstad, met 5 mei-lezing, startschot voor bevrijdingsfestivals en ‘s avonds afsluiting met concert op de Amstel in aanwezigheid van het staatshoofd.

1998

Start bijdrage jongeren via ‘Dichter bij 4 mei’

2000

Vernieuwde opzet Nationale Herdenking, met de eerste generatie vooraan bij de kranslegging.

2005

Kinderen Amsterdamse basisscholen leggen bloemen bij het monument

2007

‘Jonge veteranen’ in het erecouloir

2011

Memorandum aangepast door toevoeging van de term ‘vermoord’