Misverstanden in debat over de Nationale Herdenking
Naar aanleiding van enkele uitspraken van de Duitse ambassadeur Läufer over de Nationale Herdenking op 4 mei in de uitzending van de tv-serie ‘De oorlog’ van 20 december is in de media een discussie ontstaan over het karakter van de herdenking. In de eerste week van januari heeft er een constructief gesprek plaatsgevonden tussen de Läufer en het comité.
Gebleken is dat er sprake is van diverse misverstanden:
4 mei nationaal
De dodenherdenking op 4 mei heeft een nationaal karakter. Er worden geen officiële buitenlandse vertegenwoordigers uitgenodigd, niet uit de voormalig geallieerde landen zoals de Verenigde Staten van Amerika, Engeland, Rusland, Polen, Canada of Australië en ook niet uit de voormalige bezetters Duitsland en Japan.
Wie herdenken we? - het memorandum
Tijdens de Nationale Herdenking herdenken we allen – burgers en militairen – die in het Koninkrijk der Nederlanden of waar ook ter wereld zijn omgekomen sinds het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog, in oorlogssituaties en bij vredesoperaties.
Iedereen is welkom
Op persoonlijke titel is iedereen welkom op de Dam op 4 mei. In de afgelopen jaren hebben onder andere in het kader van educatieve projecten verschillende buitenlandse jongeren waaronder Duitse, Marokkaanse, Engelse, Poolse jongeren de herdenking bijgewoond.
Start 5 mei internationaal
De Start van de Nationale Viering Bevrijding op 5 mei heeft een internationaal karakter. In het programma wordt onder andere stil gestaan bij de vraag hoe wij kunnen bijdragen aan de vrijheid van anderen die vandaag de dag gebukt gaan onder oorlogsgeweld. Voor dit programma worden jaarlijks officiële buitenlandse gasten uitgenodigd, waaronder ook de Duitse ambassadeur.
Verzoenen en herdenken zijn niet hetzelfde
Verzoenen betekent dat je als land of als persoon bereid bent om met je voormalige vijanden om de tafel te gaan zitten, het verleden onder ogen te zien, te bespreken in het belang van een vreedzame toekomst. Verzoenen betekent niet dat je vergeet of dat de herinneringen niet blijven. Herdenken betekent het plek en plaats geven aan het verlies van en verdriet om de doden.
Formele verzoening heeft al plaatsgevonden
De verzoening tussen Nederland en Duitsland (en Japan) als landen heeft al lang geleden plaatsgevonden. Er wordt constructief samengewerkt op allerlei terreinen: economisch, sociaal, politiek, maar ook aan vrede, vrijheid en veiligheid elders in de wereld. Al in 1969 toonde Duitsland officieel zijn respect aan de Nederlandse oorlogsslachtoffers. Op 24 november van dat jaar legde de toenmalig bondspresident Heinemann een krans bij het Nationaal Monument op de Dam. Een gebaar van verzoening heeft geen betekenis als je het elke keer weer opnieuw moet bewijzen.
Of mensen zich individueel kunnen verzoenen met de voormalige vijanden is een individuele afweging. Direct na de oorlog hebben verschillende verzets- en vervolgingsslachtoffers het initiatief genomen om met voormalige vijanden in gesprek te gaan. Voor anderen is dat ook 65 jaar na dato nog een brug te ver.
Opzet herdenking resultaat van vele gesprekken
De keuze voor de nationale invulling van de herdenking is het resultaat van intensief en zorgvuldig overleg met de regering, maatschappelijke organisaties, organisaties van oorlogsgetroffenen en vele anderen waaronder ook Duitse prominenten. Over één ding is iedereen het eens; de herdenking op 4 mei is een herdenking van de Nederlandse samenleving, van de mensen zelf.
Nieuwe opzet herdenking
In 2000 is na een jarenlange voorbereidingsperiode gekozen voor een nieuwe opzet van de Nationale Herdenking. In deze nieuwe opzet nemen de vertegenwoordigers van de meer dan 80 eigen organisaties van oorlogsgetroffenen een vooraanstaande plaats in. Zij zitten in de Nieuwe Kerk vooraan, zij staan bij het Nationaal Monument vooraan en zij gaan in de kranslegging en bij het defilé voorop. De autoriteiten zitten en staan terzijde en volgen in de kranslegging en in het defilé.
Niet alle herdenkingen hebben een nationaal karakter
Het feit dat het Nationaal Comité gekozen heeft om 4 mei allereerst een nationaal karakter te geven laat natuurlijk onverlet dat er bij andere herdenkingen wel officiële buitenlandse gasten aanwezig kunnen zijn. Bij de jaarlijkse Auschwitzherdenking of lokale herdenkingen in de grensstreek worden wel Duitsers uitgenodigd. Het Nationaal Comité heeft daar geen enkel bezwaar tegen, integendeel.
Wat vinden Nederlanders?
Uit het jaarlijks Nationaal Vrijheidsonderzoek van het Comité blijkt dat 96% van de Nederlanders de jaarlijkse dodenherdenking (heel) belangrijk vindt. Bijna 90% van de bevolking is van mening dat de Tweede Wereldoorlog op dit moment geen negatieve invloed (meer) heeft op de wijze waarop men nu over Duitsers denkt. Voor 93% van de mensen, jong en oud, betekent herdenken allereerst respect tonen voor de oorlogsslachtoffers en een moment om stil te staan bij de gevolgen van oorlog, vroeger en nu.
Herdenking passend bij de geest van de tijd.
Natuurlijk stelt het Nationaal Comité zich met regelmaat de vraag of de nationale benadering gehandhaafd moet worden. Het zou mede door de Nederlandse deelname aan internationale missies en de slachtoffers die daaruit voortkomen kunnen dat het internationale aspect op een gegeven moment zwaarder gaan wegen. Dit zou dan ook in de vormgeving van de herdenking breder zichtbaar kunnen worden. Bovendien brengt iedere generatiewisseling nieuwe vragen op over hoe we de herdenking van onze doden passend bij de geest van de tijd vorm moeten geven. Voor die vraag en dat gesprek staat het nationaal comité volledig open.
- Er heeft niet eerder een gesprek plaatsgevonden tussen de Duitse ambassadeur en het Nationaal Comité over de Nationale Herdenking.
- Het Nationaal Comité heeft naar de ambassadeur toe dan ook geen uitspraken gedaan als dat het ‘te gevoelig’ zou liggen om de Duitse ambassadeur uit te nodigen.
- Er worden geen ambassadeurs uitgenodigd voor de herdenking, de Duitse ambassadeur is dan ook niet de enige officiële vertegenwoordiger die geen uitnodiging voor de herdenking ontvangt.
4 mei nationaal
De dodenherdenking op 4 mei heeft een nationaal karakter. Er worden geen officiële buitenlandse vertegenwoordigers uitgenodigd, niet uit de voormalig geallieerde landen zoals de Verenigde Staten van Amerika, Engeland, Rusland, Polen, Canada of Australië en ook niet uit de voormalige bezetters Duitsland en Japan.
Wie herdenken we? - het memorandum
Tijdens de Nationale Herdenking herdenken we allen – burgers en militairen – die in het Koninkrijk der Nederlanden of waar ook ter wereld zijn omgekomen sinds het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog, in oorlogssituaties en bij vredesoperaties.
Iedereen is welkom
Op persoonlijke titel is iedereen welkom op de Dam op 4 mei. In de afgelopen jaren hebben onder andere in het kader van educatieve projecten verschillende buitenlandse jongeren waaronder Duitse, Marokkaanse, Engelse, Poolse jongeren de herdenking bijgewoond.
Start 5 mei internationaal
De Start van de Nationale Viering Bevrijding op 5 mei heeft een internationaal karakter. In het programma wordt onder andere stil gestaan bij de vraag hoe wij kunnen bijdragen aan de vrijheid van anderen die vandaag de dag gebukt gaan onder oorlogsgeweld. Voor dit programma worden jaarlijks officiële buitenlandse gasten uitgenodigd, waaronder ook de Duitse ambassadeur.
Verzoenen en herdenken zijn niet hetzelfde
Verzoenen betekent dat je als land of als persoon bereid bent om met je voormalige vijanden om de tafel te gaan zitten, het verleden onder ogen te zien, te bespreken in het belang van een vreedzame toekomst. Verzoenen betekent niet dat je vergeet of dat de herinneringen niet blijven. Herdenken betekent het plek en plaats geven aan het verlies van en verdriet om de doden.
Formele verzoening heeft al plaatsgevonden
De verzoening tussen Nederland en Duitsland (en Japan) als landen heeft al lang geleden plaatsgevonden. Er wordt constructief samengewerkt op allerlei terreinen: economisch, sociaal, politiek, maar ook aan vrede, vrijheid en veiligheid elders in de wereld. Al in 1969 toonde Duitsland officieel zijn respect aan de Nederlandse oorlogsslachtoffers. Op 24 november van dat jaar legde de toenmalig bondspresident Heinemann een krans bij het Nationaal Monument op de Dam. Een gebaar van verzoening heeft geen betekenis als je het elke keer weer opnieuw moet bewijzen.
Of mensen zich individueel kunnen verzoenen met de voormalige vijanden is een individuele afweging. Direct na de oorlog hebben verschillende verzets- en vervolgingsslachtoffers het initiatief genomen om met voormalige vijanden in gesprek te gaan. Voor anderen is dat ook 65 jaar na dato nog een brug te ver.
Opzet herdenking resultaat van vele gesprekken
De keuze voor de nationale invulling van de herdenking is het resultaat van intensief en zorgvuldig overleg met de regering, maatschappelijke organisaties, organisaties van oorlogsgetroffenen en vele anderen waaronder ook Duitse prominenten. Over één ding is iedereen het eens; de herdenking op 4 mei is een herdenking van de Nederlandse samenleving, van de mensen zelf.
![]() |
In 2000 is na een jarenlange voorbereidingsperiode gekozen voor een nieuwe opzet van de Nationale Herdenking. In deze nieuwe opzet nemen de vertegenwoordigers van de meer dan 80 eigen organisaties van oorlogsgetroffenen een vooraanstaande plaats in. Zij zitten in de Nieuwe Kerk vooraan, zij staan bij het Nationaal Monument vooraan en zij gaan in de kranslegging en bij het defilé voorop. De autoriteiten zitten en staan terzijde en volgen in de kranslegging en in het defilé.
Niet alle herdenkingen hebben een nationaal karakter
Het feit dat het Nationaal Comité gekozen heeft om 4 mei allereerst een nationaal karakter te geven laat natuurlijk onverlet dat er bij andere herdenkingen wel officiële buitenlandse gasten aanwezig kunnen zijn. Bij de jaarlijkse Auschwitzherdenking of lokale herdenkingen in de grensstreek worden wel Duitsers uitgenodigd. Het Nationaal Comité heeft daar geen enkel bezwaar tegen, integendeel.
Wat vinden Nederlanders?
Uit het jaarlijks Nationaal Vrijheidsonderzoek van het Comité blijkt dat 96% van de Nederlanders de jaarlijkse dodenherdenking (heel) belangrijk vindt. Bijna 90% van de bevolking is van mening dat de Tweede Wereldoorlog op dit moment geen negatieve invloed (meer) heeft op de wijze waarop men nu over Duitsers denkt. Voor 93% van de mensen, jong en oud, betekent herdenken allereerst respect tonen voor de oorlogsslachtoffers en een moment om stil te staan bij de gevolgen van oorlog, vroeger en nu.
Herdenking passend bij de geest van de tijd.
Natuurlijk stelt het Nationaal Comité zich met regelmaat de vraag of de nationale benadering gehandhaafd moet worden. Het zou mede door de Nederlandse deelname aan internationale missies en de slachtoffers die daaruit voortkomen kunnen dat het internationale aspect op een gegeven moment zwaarder gaan wegen. Dit zou dan ook in de vormgeving van de herdenking breder zichtbaar kunnen worden. Bovendien brengt iedere generatiewisseling nieuwe vragen op over hoe we de herdenking van onze doden passend bij de geest van de tijd vorm moeten geven. Voor die vraag en dat gesprek staat het nationaal comité volledig open.


